HOME < INSPIRATIE < COLUMN
columns

Bok schieten

Het is tegen half acht als ik met ferme tegenzin terug loop naar de auto. Er hangt nog steeds een prachtige laag mist boven de bloeiende heide en de zon worstelt zich een weg door het omliggende dennenbos. Een oranje gloed vult zowel de eerste meters boven de grond als mijn gemoed. Blij dat ik toch nog even ben gegaan. Eigenlijk is dit het allermooiste moment van de ochtend, en hoewel ‘nature calls’, roepen baas en plicht net wat harder. Net als ik met één been over de omheining stap en probeer de schrikdraad niet met mijn gevoeligste delen te beroeren, stopt er een auto voor mijn neus.

Bok schieten
De nog immer blij rondhuppelende hoofdrolspeler, de held van de tragedie: een niet geschoten oude bok. Fotograaf: Marijn Heuts
Delen

Vriendelijke dikkerd

Voorheen kon ik me op voorhand al boos maken om het toekomstige feit dat een onbevoegd stuk onbenul me zou gaan aanspreken op het betreden van omheind gebied. Maar sinds ik een vergunning in mijn rugzak meedraag hoop ik zelfs op zo’n aantijging. Dan sleep ik dat gewichtige A4-tje niet voor niks mee en kan ik het onder zijn of haar neus drukken. Lekker puh. In dit geval liep het echter anders. In de auto zat onderuit gezakt een stevige man in een legergroene wollen trui en met een snor van het type ‘struinnatuur’. Hij keek me vriendelijk aan met zijn iets te kleine oogjes en zei ‘prachtige ochtend hè, mooie foto’s kunnen maken?’.
Verrast door zijn vriendelijkheid gaf ik netjes antwoord. Intussen bleef mijn blik hangen op het geopende raamportier. Er in lag iets wat nog het meest leek op een bonenzak, maar dan van iemand die de bonen per ongeluk op zijn nachtkastje had laten liggen. Een lege zak dus eigenlijk, tegen krassen maar ook tegen stabiliteit, wonderlijk. Ik gokte op een medefotograaf, van het redelijk onervaren soort. Net toen ik wilde vragen wat hij zo vroeg in het bos kwam doen trok een felle weerkaatsing van het zonlicht mijn blik naar de bijrijdersstoel. Daar lag een prachtig opgepoetst jachtgeweer. Ik hoorde mezelf hardop zeggen ‘ah ik zie het al, u komt ook landschappen schieten’.

Geen jager

Een wolf in van-schapen-gemaakte-kleren dus, een jager. Al gebruik ik die term liever niet. Net zoals ‘neger’ vanwege de eerste lettergreep een ongewenst negatieve klank heeft, heeft ‘jager’ vanwege de eerste lettergreep een ongewenst positieve klank. Een goedkeuring tot vuren welhaast. Afijn, ik had geen zin meer in een goed gesprek. De opportunist in me nam het nog even over en probeerde wat informatie los te peuren over de ‘whereabouts’ van zwijntjes en reetjes (die met hoefjes). Maar zoals wel vaker bleek de gebiedskennis abominabel en betrof het een rijdende gelukszoeker met een stuiptrekkende-vingersyndroom. Hij moest er vandoor en wenste me een fijne ochtend verder. Het jachtseizoen op ree duurde immers nog maar een week en er moest hoogzitnodig een bok geschoten worden. Aardig als ik ben, wenste ik hem succes. Dat doe ik dus nooit meer.

Het vroegochtendlijke strijdtoneel van een blijspel in meerdere bedrijven: ergens op de zomerse Brabantse heide. Fotograaf: Marijn Heuts

Bok geschoten

Ik had nog geen tien stappen gezet of een doffe knal vulde de serene ochtendstilte. De vuurgevaarlijke meneer had het kolfje razendsnel naar zijn hand gebracht en schoot sneller dan zijn schaduw die de opkomende zon uit alle macht probeerde te werpen. Als de spreekwoordelijke haas probeerde ik drie onwillige statiefpoten in te schuiven om zo snel mogelijk in de richting van het schot te kunnen rijden. Dat klinkt dom, maar dit is Brabant, geen Syrië. Ik denk dat ik met eigen ogen wilde zien dat hij had gemist en ik werd op mijn wenken bediend.
Al gauw had ik de lichtblauwe mobiele eenheid in het vizier. Het raampje was nog open, de kruitdampen waren net opgetrokken en een Unlucky Luke lachte me schaapachtig toe. ‘Dat was snel’, bracht ik gespeeld vriendelijk uit. ‘Het was niks’, zei de schutter vanuit zijn blikken aanzitputje. ‘Of ja, het was een reebok’. ‘Maar hij ging eerder af dan de bedoeling was’, wijzend op het nog immer glimmende verlengstuk van zijn mannelijkheid, zijn weidmannsgeil.
‘Dat zei je vrouw gisteravond zeker ook’, dacht ik bij mezelf. Soms is het best handig niet hardop te denken en dit was zo’n moment. Maar goed, het geweer had dus een loopje met de Triggerfinger-fan genomen. Afgaande op de repen tape die de onderkant van zijn toch redelijk nieuwe auto bijeen hielden, was het zeker niet het eerste geval van auto-mutilatie. En waarschijnlijk was het ook niet de laatste keer dat hij bok zou schieten.

Knallend eind

Naar huis rijdend gingen mijn gedachten met het gebeurde aan de haal. In mijn levendige fantasie visualiseerde ik een ochtend waarop de zon wederom een magistrale lichtshow tussen de bomen opvoerde, in een poging de faalhazende rekel af te leiden en zo te verleiden tot een volgende fout. Een nieuw gevalletje broekzakbellen met de buks, opnieuw een voortijdige kogellozing. Dit keer met een bladschot, recht in de benzinetank. Ik zag een reebok die blij met zijn voorlopig verlengde leven de zonneharpen tegemoet laveide. Een ‘poor lonesome kauwboy’. De schietgrage medelander droop af, een zweetspoor van benzinedruppels achterlatend op verder vredige bospaden. De zon piepte stiekem boven de bomen uit en deed geniepig glimlachend met een door een verdwaalde glasscherf gebundelde lichtstraal de benzine ontbranden. Heel eventjes maar, heel lichtjes. Genoeg voor een dikke boem, een jager die met zijn laatste doffe knal de ochtendstilte doorbrak. Op weg naar de Grote Opziener. Eerder af dan de bedoeling was.

Deel dit artikel


9
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE
  1. Door Marijn Heuts op 22 december 2015 om 14:21

    Dank jullie wel voor de reacties. Deze column gaat niet zozeer over wat ik van de jacht vind, maar over een specifiek geval van een typische prutser. Mocht ik er weer een tegenkomen, zal ik weer in de pen klimmen 😉

  2. Net zoals er ‘natuurfotografen’ zijn die meer kapot maken dan natuur behouden zijn er binnen de jagerswereld (helaas) ook ‘jagers’ die vooral hun ‘mannelijkheid’ willen tonen. Net als anderen ben ik in essentie niet tegen jacht, alleen is jacht in Nederland niet meer gedreven door voedselnoodzaak zoals vroeger wel. Dat betekent dat er vooral beheersjacht is, en helaas is ook daar het achterliggende ‘beleid’ niet altijd even zuiver. Maar goed, Nederland is een land waarin zolang gereguleerd is dat we inmiddels niet meer zonder die regulatie kunnen dus moet ook de natuur worden gereguleerd. Van begrazing van heidelandschappen tot het jagen van reeën.

    Alles heeft twee kanten… maar dat neemt niet weg dat ik Marijns verhaal niet alleen goed kan voorstellen maar vooral smul van de uitkomst.

  3. Wat een mooi verhaal, met hele goede afloop.
    Ik ben bang als ik daar stond, zou zeggen wat jij dacht.

    Gr Cees

  4. Geweldig!! Ik ben zelf een beetje dubbel… lust best wild, maar zou het nooit maar dan ook nooit kunnen/willen schieten… Heerlijk zoals je dit beschreven hebt!!

  5. Door Chris van Rijswijk op 19 december 2015 om 09:50

    Mooie column! Zie ook ‘De Jacht op Jagers’ van Kooten en De Bie: https://www.youtube.com/watch?v=4r6IdHbJTk4

  6. Marijn, ik lees altijd met heel veel plezier je columns. Dit is ook weer een heerlijk stuk.!

  7. Mooie verhandeling.
    Ben benieuwd of de jager ook columns schrijft……:-)

  8. Door Mark van Veldhuizen op 18 december 2015 om 22:05

    Eigenlijk zie ik het nut van de jacht wel in, (rotte appels daargelaten) maar dit stuk was weer smullen.

    Gr Mark.

  9. Leuke verhandeling en een nog leukere beschrijving van opkomende bijbehorende fantasie.
    Erg geinig.
    Groet, Sjors

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *