Column: De hype

In tegenstelling tot vorige keren had ik te maken met een ietwat schuwe paarse strandloper. Al een goede twintig minuten zat ik daar, hurkend op het ijskoude zand, mijn knieën stijfgeslagen door de aanlandige wind. Ik had net wat foto’s geschoten en het diertje leek mij eindelijk te vertrouwen, toen plots toch de sprint zeewaarts werd ingezet. Twee schoenen stonden naast mij. “Hee, waarom rent ‘ie nu weg? En wat was het eigenlijk?”
Paarse Strandloper
Gelukkig had ik al wat goede foto’s. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Pierproblematiek

Had ik kunnen weten. Op zaterdagochtend naar de pier van IJmuiden gaan is een risico. De enige ging ik niet zijn. En met pech ook niet een van vijftig. Een oerlelijke, niet bepaald goed bereikbare plek die vrijwel exclusief wordt bezocht door vissers en vogelaars lijkt onder die laatste groep zo in populariteit gestegen dat er geen privémomentjes meer inzitten. En zeker ‘beginners’ kunnen nog wel eens de momenten in de weg zitten. Niet uit onwil, maar enthousiasme. Dat laatste is tegenwoordig alom voorhanden.

Zilverplevier
Deze zilverplevier bleef dichtbij de branding, ver weg van de vogelaars. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Zakverrekijkers

Dat vogelen een hype is geworden merk je overigens op allerlei plekken. In mijn park komen de zakverrekijkers vanuit de raarste plekken tevoorschijn, en wordt bij het minste of geringste piepje uit de bosjes Merlin opgestart. Met camera en verrekijker (met respectievelijk de woorden ‘Nikon’ en ‘Vogelbescherming’ op de koorden) ben ikzelf ook een ware attractie.

“Heb je nog wat bijzonders gezien?”

Die verwachte vraag volgt vrijwel altijd. Mijn standaard antwoord is meestal de soort die ik – op merel, koolmees en houtduif na – als laatst heb gespot.

Koolmees
Voor koolmezen worden ook beginners nauwelijks enthousiast. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Laagdrempelig

Waar vogelen vroeger (ook voor ‘mijn tijd’) nog louter voor de liefhebbers was – dikke pillen onder de arm, met lamme armen de verrekijker omhoog blijven houden en op de gok in het juiste seizoen naar een geschikte plek – is dat nu wel anders. De hobby is mega toegankelijk. Apps herkennen (niet altijd even betrouwbaar) zang, en leuke waarnemingen worden meteen gedeeld. Ergens vind ik dat mooi. Die lagere drempel. Waardering voor datgene dat ik waardeer. Toenemende populariteit voor iets dat ik zo graag wil koesteren. Maar ik zie wat beren.

Ekster
Voor iets als een ekster heb je natuurlijk geen dikke vogelgids of roadtrip nodig. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Tweehonderd

Terug naar de pier. Die paarse strandloper was voor mijn gesprekspartner een nieuwe. Glimmende ogen. “Een nieuwe soort op de jaarlijst!” – waarop hij als ‘starter’ aan het einde van het jaar minstens 200 soortnamen hoopte te zien staan.

Tweehonderd.

Dat getal, dat schuurt. Niet omdat het niet ‘knap’ is om zoveel soorten in een jaar te zien. Maar omdat het om dat getal gaat, en niet om momenten. Alsof vogels verzamelitems zijn. Zoals Wuppies of Albert Heijn-smurfen. De verzameling was niet compleet als je een ‘kleur’ of ‘modelletje’ miste.

Of was ik stiekem een beetje jaloers op dat frisse enthousiasme? Wellicht mis ik mijn eigen eerste paarse strandloper wel. Toen was ‘ie prachtig mooi. Nu was het vooral ‘weer een modelletje’. Dat verschil zegt waarschijnlijk meer over mij.

Zilverplevier
Dezelfde zilverplevier. De eerste keer dat ik wat leuke plaatjes van deze soort kon maken. Daar kwam wel wat enthousiasme bij kijken. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Trompetsmurf

In onze smurfenverzameling ontbrak de trompetsmurf. In de laatste week van de actie speurde mijn vader het internet af naar iemand in de buurt die er eentje dubbel had. Op de fiets, even ruilen. Collectie compleet.

De trompetsmurf van toen heet nu parelduiker of middelste bonte specht. Een Google-search, en gelijk onderweg. En verschijnt er een zeldzaamheid? Dan weet half vogelend Nederland dat, en staat binnen een uur de dichtstbijzijnde berm vol. Ik kan het weten; ik heb ook recent nog ‘haastig’ een woestijntapuit bezocht.

Nu is de motivatie van ‘een nieuwe’ wat lager. Nou ja… Misschien is het eerlijker om te zeggen dat ik wil dat die motivatie wat lager is… Want die verzameldrang zit ergens wat dieper dan ik zou willen. Tegen mijn wensen in forceer ik mij wat vaker tot een ‘gewone’. En kijken, in plaats van scoren.

Of dat nobel is, of beter, dat weet ik niet zo goed, maar het zorgt in ieder geval voor meer vrijheid. Vogels worden wat meer vogels, in plaats van trompetsmurfen in een verzameling die nooit compleet gaat- en hoeft te zijn. Maar die verzameldrang verdwijnt daarmee niet. Hij verandert gewoon van vorm.

Grote Mantelmeeuw
Ik vraag me af hoeveel mensen echt de moeite zouden nemen om een soort als de grote mantelmeeuw ‘anders’ vast te leggen. Fotograaf: Jorrit Verkleij

“Roerdomp!!”

Want wat er nog meer knaagt? Het fotograferen zelf. Want hoe maak je unieke foto’s in een wereld waarin iedereen een ‘600’ en een fotohut kan huren of dezelfde vogel via dezelfde apps kan vinden? Het simpele bijschrift “Roerdomp!!” onder een scherp-genoeg portret doet het prima online. Helaas moet ik bekennen dat ik me wel schuldig heb gemaakt aan het vergelijkingsspel – “Die van mij zijn toch beter? Artistieker? Scherper? Unieker? Waarom dan zo weinig betrokkenheid?” Alsof ook hier weer iets compleet moest.

Vermoeiend man. De Instagram-pauze van laatst heeft me goed gedaan. In het veld kijk ik iets meer, en schiet ik iets minder.

Drieteenstrandloper
“Drieteenstrandloper!!”. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Ethiekeren (alweer)

En dat brengt me precies tot het ethische stuk. Want hoe meer ogen, hoe meer lenzen, hoe groter de verleiding om net iets dichterbij te komen dan nodig.

Afstand houden. Vogels op jou af laten komen. Geen kwetsbare locaties delen. Je niet asociaal gedragen…

Hoor mij nou. Alsof mijn paar extra jaren mij het recht geven om in de rol van boswachter te schieten. Maar ik voel me wel verantwoordelijk. Omdat ik gezien heb hoe het niet moet. Opgejaagde uilen en platgetrapte heide. Stress bij broedvogels omdat iemand zo nodig met een replay wilde checken of het een zwartkop of een tuinfluiter was (en dan nog chagrijnig kijken als ik ‘de tuinfluiters zijn nog niet terug’ opmerk)…

Niet te belerend bewustzijn kweken is een skill die ik inmiddels hopelijk wat meer heb ontwikkeld.

Begrijp me niet verkeerd. Ik vind het mooi om te zien dat ik de passie mag delen met meer en meer mensen, op meer en meer plekken. Het vogels kijken en fotograferen is toegankelijker dan ooit. Met betere gidsen, middelen, kennis… Vogels leuk vinden, is nog nooit zo makkelijk geweest.

Bonte strandloper
Deze bonte strandloper kwam prima dichtbij, in een leuke tegenlicht setting. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Laag blijven

We praten nog even na, wanneer een groepje steenlopers invliegt en niet al te ver bij ons vandaan landt. “Let op”, zeg ik, met net iets te veel overtuiging en vertrouwen in het karakter van de naderende steltjes. “Nu laag blijven. Steenlopers zijn niet bepaald bang, zolang je geen gekke dingen doet…”

Steenloper
Zoals voorspeld: geen gekke dingen doen en wachten waren de enige benodigde ingrediënten. Fotograaf: Jorrit Verkleij

Naast elkaar hurkend ‘beschieten’ we de inderdaad makke steenlopers. Ik met mijn asociale telelens, mijn metgezel met een oudere camera die waarschijnlijk pas recent uit een verstofte doos ergens op een zolder vandaan is getoverd. “Een steenloper, zei je? Dat is ook een nieuwe voor mij! Laat jouw foto’s eens zien? Wow. Je ziet wel dat je goed materiaal hebt!”

“De meeste vogelaars praten ook wat minder” – zeg ik met een knipoog. Gelukkig krijg ik een lach terug.

5 reacties

  1. Helaas heel herkenbaar : vaak zit ik uren in mijn favoriete kijkhut, toch te genieten van slechts “hier zit bijna niets” of “wat is het hier saai” (letterlijke opmerkingen van passanten-met-grote-kanonnen en nog grotere verwachtingen, die het dan maar enkele minuten volhouden). Geduld is voor mij al vaak heel lonend gebleken (of ben ik naïef en snel content ?). Het jachtige gedrag van trofeejagers, lijdend aan FOMO, die op 1 dag zoveel mogelijk “exclusiefs” willen verzamelen/consumeren, neen : dat is niet mijn ding. Uiteraard is het “opwindend” eens een mij onbekende soort te zien landen, maar dat is niet de essentie van mijn idee van natuurbeleving. Geniet simpelweg bewuster van “het wonder Natuur”.

  2. Vroeger was ik één van de weinigen die mopperde over de toenemende drukte overal. Nu lijkt het wel alsof iederéén er van baalt en zijn beklag erover doet. Net zoals niet alleen de kerstversiering elk jaar vroeger in de winkels ligt, maar ook de ingezonden brieven in de krant over het feit dat de kerstversiering elk jaar weer vroeger in de winkels lijken elk jaar vroeger in de brievenrubriek op te duiken. En het frustrerende is: het helpt allemaal geen zier. Leven als een Stoïcijn, dat is vermoedelijk de enige manier om nog lol uit je hobby te halen.

    1. Hi Fritz, bedankt voor je reactie. Kan het erg waarderen. En ik moest er ook wel wat om gniffelen. Ik denk dat het typisch menselijk is dat je wilt genieten van je eigen ding, maar het liefst niet met al te veel anderen. Dat gezeur helpt natuurlijk inderdaad helemaal niets. Gelukkig heb ik nu wat meer zelfspot en probeer ik te kijken naar hoe ik het beste van de hobby kan genieten. Dat lukt soms best aardig. Niet per se op de stoïcijnse manier, maar meer op die van Hermann Hesse.

      Over de kerstversieringen maak ik me niet zo druk. Overigens heb ik uit mezelf ook nog nooit kerstversiering opgehangen. Ik ben wel blij als de chocoladepepernoten al in Augustus in de schappen liggen 🙂

  3. Spot-on beschreven en heel herkenbaar Jorrit!
    Ik voel me regelmatig een moppersmurf door ergernissen zoals genoemd maar ook zeker geen oppersmurf. Verzamelen om het hebben en scoringsdrang is mij vreemd maar ik zie het helaas te veel gebeuren met alle consequenties van dien.
    De kunst is na de zoveelste steenloper of juist die gewone koolmees te blijven genieten van het wonder dat natuur heet. En de onderscheidende plaatjes onderscheiden zichzelf.
    Ga zo door!

    1. Hi Pauline, dank voor je reactie! Van moppersmurf tot oppersmurf… Jeetje, dat was me ook een geinig kopstukje geweest! Scherp 😉 Verder helemaal eens. Dat genieten van het ‘gewone’ ben ik, denk ik, pas de laatste maanden, waarin fotografie eigenlijk helemaal niet wil lukken, aan het ontwikkelen. Voelt tegenstrijdig, maar erg goed 🙂

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en servicevoorwaarden zijn van toepassing.

Foto van Jorrit Verkleij

Jorrit Verkleij

Een hobbyfotograaf met biologie-achtergrond, met een passie voor vogels en alles wat daarbij komt kijken.

Meer columns van deze auteur

Deze artikelen vind je vast ook interessant: