Column: In Zweden is alles beter

In Nederland is winter al lang geen vanzelfsprekendheid meer. Sneeuw is zeldzaam geworden en blijft zelden lang liggen. Ook schaatsen lukt niet meer jaarlijks op natuurijs. Zodra er 2,5 centimeter ijs ligt (veel te weinig uiteraard) zijn er meteen de eerste waaghalzen die hun baantjes over ondiep bevroren water trekken.
De koning van het bos, de eland, het symbool van de Zweedse natuur. Fotograaf: Bob Luijks

Winter is hier in Zweden nog wel een vanzelfsprekendheid (alhoewel, zie de vorige column), maar toch wel anders dan nog geen 10 jaar geleden. Dan viel er hier in Midden-Zweden in december de eerste sneeuw die vaak tot in maart bleef liggen. Nu wisselen warme en koude momenten elkaar af. Sneeuw komt, maar verdwijnt tussendoor dus ook. Smeltende sneeuw zorgt voor onbegaanbare wegen; ijslagen zorgen ervoor dat het wild lastiger bij voedsel komt. Een witte kerst? Ooit heel gewoon, maar geen Zweed die je daar nog garantie op durft te geven. Uitgezonderd het Hoge Noorden uiteraard. Daar ligt meer dan 200 dagen per jaar sneeuw!

Wie van winter houdt, komt in Zweden wel aan zijn trekken. Fotograaf: Bob Luijks

Veel beter

De winter is hier dus beslist beter dan in Nederland (als je tenminste van een echte winter houdt). Maar er zijn ook veel andere zaken die hier beduidend beter zijn dan in Nederland. Een paar opvallende zaken:

  • Maar liefst 65% van het oppervlak bestaat uit bos, tegenover 10% in Nederland. De overige 35% zijn dan niet meteen ‘mens’. Een aanzienlijk deel van de 35% bestaat immers uit water. Onderaan de streep neemt de mens in Zweden maar ongeveer 10% van het landoppervlak in beslag.
Dalarna, bos zover het oog reikt, met hier en daar een meer, maar niets menselijks te zien. Oké, op één windturbine na, voor wie goed kijkt. Fotograaf: Bob Luijks
  • Het onderwijs is niet gericht op presteren en veel te vroeg keuzes maken. Kinderen kunnen hier veel langer kind zijn. VMBO, HAVO en VWO kent men niet. In plaats daarvan gaan alle kinderen tot hun 16e naar de basisschool. Uiteraard krijgen ze geleidelijk ook de moeilijkere vakken, maar toch blijft de druk enorm beperkt. Huiswerk is er bijvoorbeeld amper. De kids krijgen ook vakken die voor het ‘leven’ (en niet louter voor het toekomstige werk) belangrijk zijn, zoals koken en naaien. En dan is er nog de gratis warme maaltijd tussen de middag, de gratis schoolspullen, het gratis vervoer van en naar school …
  • De huizen zijn hier in vergelijking met Nederland spotgoedkoop. Hoe verder weg van de voorzieningen, hoe goedkoper het wordt. Tegelijkertijd moet je je ook niet laten misleiden door de berichten op de socials waarbij iemand voor € 50.000,- een complete boerderij heeft weten te kopen. Dat is soms beslist mogelijk, maar dan doorgaans ergens boven de poolcirkel. Daar moet je wel maar net willen wonen, gelet op de lange winters met enorm veel sneeuw en vaak grote afstanden tot belangrijke voorzieningen, zoals een ziekenhuis. Is het elders in Zweden erg goedkoop, dan ligt er vaak een hoop renovatiewerk in het vooruitzicht. Voor wie handig is, kan dat interessant zijn. Voor wie dat niet is, wordt dat een enorme kostenpost, aangezien de lonen voor bouwvakkers op gelijke tred liggen met die van Nederland.
Een typisch rood Zweeds huis, in dit geval zonder elektriciteit en louter door middel van een houtkachel warm gestookt. Heel charmant én goedkoop, maar nog veel werk om het naar het nu te brengen. Fotograaf: Bob Luijks
  • Ook goedkoop: benzine. Je tankt hier nog voor onder de € 1,50 per liter (recent zelfs onder de € 1,40, al is het nu door de onrust uiteraard ook duurder geworden). En de wegenbelasting? Die is op jaarbasis ongeveer wat je in Nederland per kwartaal betaalt.
  • Nog goedkoper: geen ziektekostenverzekering. Iedere inwoner mag gebruik maken van het door de staat georganiseerde zorgstelsel. Dit is wel log en traag en dus kun je je bijverzekeren, zodat je van privé zorginstellingen gebruik kunt maken.

Maar niet alles is beter

Het is gemakkelijk om te klagen over bepaalde aspecten in Nederland, maar besef dat veel in Nederland gewoon ontzettend goed geregeld is. Niet alles in Zweden is beter.

  • Zweden is enorm bureaucratisch. Dat betekent eindeloos veel papieren invullen, vaak steeds weer hetzelfde, ondanks dat ze alles inmiddels echt al van je weten. Je niet druk om maken, maar gewoon weer een formulier invullen en geduldig wachten op de uitslag.
  • Zonder persoonsnummer kom je nergens. Volgens de Europese regels moeten Europese staatsburgers kunnen gaan en staan waar je wilt. Dat kun je in Zweden wel vergeten. Je hebt overal een persoonsnummer voor nodig (of beter, het daar uiteindelijk weer aan gekoppelde bank-ID). Zonder dat nummer geen Zweeds mobiel nummer, geen klantenkaart van de lokale winkel, geen inlog in de schoolomgeving van je kind, geen verzekering, enzovoorts.
  • AVG kennen ze hier niet. Al je aan elkaar gekoppelde gegevens zijn gewoon online te vinden. Wil je dus weten welke auto’s je buurman allemaal op zijn naam heeft staan …
  • De dagen zijn kort in de winter. In mijn deel van Zweden komt de zon nog wel op en schijnt op een heldere dag toch nog 6 uur. Rond de kortste dag van het jaar komt de zon op om 8.56u en gaat ie om 14.57u onder. Ter vergelijk, op mijn oude woonplaats in Limburg komt de zon op dat moment op 8.37u op en gaat deze om 16.29u weer onder. De dagen zijn dus bijna 2 uur korter dan in Nederland. Persoonlijk vind ik dat niet erg of een nadeel, het duister heeft zijn charme. Je moet er wel tegenkunnen. Ik merk dat je sneller vermoeid bent. Niet zo gek; je bioritme raakt aardig in de war als het kort na 15.00u al aardedonker is.
  • Winter kan ook echt winter zijn met veel sneeuw. Heerlijk natuurlijk, maar dat betekent ook dat lang niet alles even goed bereikbaar zal zijn.
Het kan flink sneeuwen in Zweden. Fotograaf: Bob Luijks
  • Als natuurliefhebber: Zweden is een land van jacht. Per jaar worden tienduizenden dieren geschoten, ook Europees beschermde soorten. De redenen zijn zoals altijd erg discutabel. Zo eten elanden de jonge loofbomen op. Het is net zoals met vossen en weidevogels in Nederland. De vos is een zondebok als hij een grutto grijpt, maar het is niet de schuld van de vos dat er zo weinig grutto’s zijn … Zo is het ook met de loofbomen in mijn deel van Zweden. Men heeft ooit bedacht dat naaldbomen, vooral sparren, handiger zijn aan te planten. Laat je de natuur hier volledig vrij zijn gang gaan, dan groeit er hier veel meer loofbos. Enkele eeuwenoude eiken laten dat keurig zien. Het is dus zeker niet de schuld van de elanden dat er af en toe een loofboom sneuvelt. Ander voorbeeld: conflicten met beren zijn er nooit, toch worden er ieder jaar te veel geschoten. En dan nog de wolven. Ook daar zijn hier nooit conflicten mee. In mijn straat staan de schapen achter een laag raster. Ondanks dat er hier wolven zitten, komen ze niet aan de schapen. Toch worden er geschoten. In Nederland zag je hoe complex dat is in verband met de Europese regels, maar daar trekken de Zweden zich niks van aan. Officieel om conflicten met rendierhouders te voorkomen. In het Hoge Noorden een verdedigbaar argument, maar binnen een straal van 1.000 kilometer zijn er bij mij geen rendieren te bekennen …
Elanden als zondebok voor schade aan loofhout. Fotograaf: Bob Luijks

En dan heb je nog de klagende Nederlanders. Wat is dat toch … De Zweed klaagt niet snel, wacht geduldig of laat het gewoon over zich heenkomen. In Zweden wonen vele duizenden Nederlanders. Je kiest ervoor om in een ander land te gaan wonen. Maar nee, dan wordt er online weer geklaagd dat het zo vroeg donker is, dat ze niet exact hetzelfde merk koffiecupjes hebben, er nauwelijks gezellige stadscentra zijn met terrasjes, dat er geen kroketten verkrijgbaar zijn en dat de Zweden alleen Zweeds spreken en een andere taal weigeren (dat zal in de wilde uithoeken van het land beslist het geval zijn, maar in de rest van Zweden spreekt men prima Engels). Deze opsomming klinkt als een grapje, maar ik zie het allemaal voorbij komen. Blijf dan in eigen land, zou een niet nader te noemen politieke partij zeggen. Als Nederlander ben je hier een buitenlander, een gast, die zich maar aan te passen heeft aan het land. Uiteraard niet andersom …

Geen appeltaart, maar de Zweedse lekkernij kanelbullar. Fotograaf: Bob Luijks

De nadelen wegen lang niet op tegen de voordelen. Voor een natuurfotograaf is het hier een paradijs, van een dermate omvang dat het nog jaren zal duren om alleen nog maar de eigen omgeving goed te leren kennen. Ik ga dus lekker door met ontdekken!

5 reacties

  1. Mooi geschreven en informatieve column over een land waar het dus goed toeven is, ook voor een natuurfotograaf :).

  2. Leuk dat je al deze zaken omschrijft! Maar wat het met natuurfotografie te maken heeft ontgaat mij even!

  3. Leuk dat 65% van Zweden uit bos bestaat, maar het is nagenoeg allemaal productiebos. Nederland heeft procentueel gezien veel meer natuurgebied dan Zweden.

    1. Dank je wel Adri, Nederland heeft weinig bos (overigens wel nagenoeg ooit allemaal door de mens aangeplant), dus in verhouding is er inderdaad meer beschermd. Het klopt dat veel Zweedse bossen productiebossen zijn. Toch heeft ongeveer 25% van de bossen géén productiefunctie, een serieuze hoeveelheid dus.

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en servicevoorwaarden zijn van toepassing.

Foto van Bob Luijks

Bob Luijks

Als fulltime professioneel natuurfotograaf is Bob Luijks het liefst buiten te vinden. Met een grote interesse in de natuur, dieren- en plantenwereld wil hij niet alleen alles weten, maar kijkt hij vanuit zijn opleiding als landschapsarchitect vooral ook naar de achtergronden van het landschap. Deze kennis en interesse zie je terug in de foto’s van Bob.

Meer columns van deze auteur

Deze artikelen vind je vast ook interessant: