Hèhè, de eerste goudvinken durven zich inmiddels ook in onze tuin te laten zien. Lange tijd hoorden we ze wel, maar ondanks de enorme aantallen vogels (standaard rond de 20 mezen en veel andere bosvogels) lieten ze zich niet zien. En er zijn meer ontwikkelingen. De eerste elanden zijn ook in ons stukje bos gespot! Ik heb er een wildcamera hangen, zodat we weten wat er ook ’s nachts gebeurt. Het is hier namelijk echt pikdonker. Op een maanloze nacht zie je geen hand voor ogen. De wildcamera maakt het verborgen leven zichtbaar. Ook reeën lopen geregeld voor de camera langs. Uiteraard proberen we ook de zoogdieren een beetje te paaien, dus hangt er inmiddels een liksteen voor de benodigde mineralen en staat er een hele installatie die iedere avond wat voer rondstrooit. Wel pas als het donker is, anders gaan de vogels ermee vandoor …
Local patch
Iedere natuurfotograaf moet een local patch hebben, een plek waar je even snel (binnen 5 tot maximaal 10 minuten) naar toe kunt. Ook wanneer je weinig tijd hebt, kun je daardoor heerlijk fotograferen. Omdat je er vaak komt, leer je het gebied en de aanwezige soorten steeds beter kennen. Je kunt daardoor beter anticiperen op de omstandigheden, maar ook je fotografie verbreden. Het heeft immers geen zin om er steeds dezelfde foto te maken.
Maar wat is dan mijn local patch? Ik woon midden in het bos, omringd door de natuur. Pas na de nodige kilometers laat je het bos eventjes achter je. Het is een groot genot, maar dat wil niet zeggen dat het ook allemaal even fotogeniek is. Er moet voor mij wel iets gebeuren.

Achter mijn huis ligt een meer (twee eigenlijk, maar het ene is slecht toegankelijk). Dat beschouw ik vooral als mijn local patch. Ik hou van water. Het geeft rust, ruimte en licht in het bos. Het is nooit hetzelfde: op de koude herfstochtenden genereert het mist, het reflecteert het ochtend- of avondlicht, het golft bij wind en er liggen een eiland en losse keien in.

Vanuit huis loop ik er zo naar toe. Wil ik wat verder op verkenning, dan pak ik de fiets van mijn dochter. Die van mij heb ik in Nederland achtergelaten, maar het leek haar wel handig om haar fiets mee te nemen. Ze heeft er nog geen enkele keer gebruik van gemaakt, maar ik wel. Via een gravelweg volg ik de oever van het meer, op zoek naar mooie uitzichten. Dat niet alleen; het weggetje ligt op korte afstand van de oever, waardoor het ochtendlicht juist hier prachtig door weet te dringen in het bos. Zeker in combinatie met mist levert dat steevast sfeervolle platen op.

Nog meer meren
Op korte afstand bevinden zich nog meer meren, een van de redenen om juist hier een huis te kopen. Soms groot, soms klein, maar ieder water heeft weer zijn eigen charme en mogelijkheden. Denk aan een eilandje als eyecatcher, prachtige reflecties of een boeiend spel van het licht. Aan sommige meren staan hier en daar wat (zomer)huizen, maar de meeste meren liggen hier anoniem in het bos.


Het water moet uiteindelijk ergens heen en dus zijn er tal van stroompjes die de meren met elkaar verbinden. Zijn de hoogteverschillen groot genoeg, dan gaat het water behoorlijk te keer. Het zijn in ieder geval boeiende plekken om te verkennen. Paden zijn er vaak niet, wat betekent dat je zelf maar je weg moet vinden door het bos. Dat is een groot voorrecht (het is volstrekt normaal om dat te doen in Zweden), maar nog niet zo eenvoudig. De bodem is vrijwel geheel begroeid, overal liggen takken en keien of er zijn natte laagtes aanwezig. Vaak ga je daardoor niet harder dan 500 meter per uur …

Noorderlicht
Een van de zaken waar ik enorm naar uit keek, was de mate van zichtbaarheid van het noorderlicht. Ik woon een stuk noordelijker dan Nederland, maar beslist nog niet in het Hoge Noorden. Niet recht onder de ‘dansende gordijnen’ dus. Bij een eerste avond met een Kp van 5 nam ik de proef op de som. Zoals gezegd is het hier echt bizar donker. Het voor Nederland hooguit fotografische noorderlicht was zonder problemen met het blote oog te zien. Voor het noorderlicht had ik op voorhand al een plek uitgekozen: een van de meren waar je goed aan de zuidkant kunt komen, met dus vrij zicht op het noorden. Het noorderlicht was vrij steady, maar kwam rond 22.30u mooi tot leven. Mijn sceptische vrouw (“is dit nu alles”) raakte direct betoverd.

De nachten erop was het weer opnieuw raak. Eén nachtje moesten we door de bewolking overslaan, maar de daaropvolgende avond stonden we weer met het hele gezin buiten. Aan een ander meer, iets verder weg, om wat meer mogelijkheden te hebben in de composities. Het noorderlicht was nu veel moeilijker te zien, maar de aanhouder won ook nu weer. Kortstondig barstte het spektakel los, met felle flitsen en een groot rood vlak aan de hemel. Dit alles weer prima met het blote oog te zien. Dat smaakt dus beslist naar meer!







8 reacties
Je hebt een mooi stekkie gevonden. Prachtige foto’s!
Prachtige beelden en een mooi verhaal. Ziet er uit als een schitterende plek.