Menu

Onderdeel van Pixfactory

Hoe fotografeer je vliegende tuinvogels?

De meest toegankelijke manier van vogelfotografie is het fotograferen van de vogels in eigen tuin. Vooral in de winterperiode zijn vogels makkelijk naar de tuin te lokken met voer en omdat het op eigen terrein is kun je de hele setting inrichten op een manier zoals je zelf wilt. Mocht je na de duizenden foto’s van vogels op stronkjes en takjes eens iets meer actie willen vastleggen, dan kun je gaan proberen om vogels in de vlucht te fotograferen. Maar hoe pak je dat aan?
vliegende tuinvogels
Fotograaf: Marcel van Kammen

Vogels lokken

Elke vogelsoort heeft een voorkeur voor bepaald voedsel en voor een bepaald biotoop. Een belangrijke voorwaarde voor veel kleine vogels als pimpelmees, koolmees, huismus, vink e.d. is voldoende lage begroeiing in de vorm van struiken en heggen. Hier kunnen ze heen vluchten in het geval van gevaar en kunnen ze veilig uitbuiken na het eten.

Om de vogels in je tuin te lokken in de winterperiode kun je gaan denken aan bijvoeren. Denk hierbij aan vetbollen,vogelzaad of speciale pindakaas voor vogels die verkrijgbaar is bij Vogelbescherming Nederland. Zorg er voor dat dit voedsel niet midden op de open vlakte gestrooid wordt, maar in de buurt van de struiken/heggen. Hierdoor wordt het voor de vogels een minder grote stap om op de voederplek af te komen.

Achtergrond

Is het bovenstaande allemaal in orde en zijn de vogels aan de plek gewend geraakt, dan kun je langzameraan gaan denken aan het maken van vluchtfoto’s. Om dit goed te doen moet je vooraf al rekening houden met bepaalde zaken, om het beste resultaat te halen.

vliegende tuinvogels
Een rustige achtergrond geeft vaak het mooiste resultaat. Fotograaf: Marcel van Kammen

Een belangrijk punt is de achtergrond: het vinden van een goeie achtergrond is in veel tuinen een lastige aangelegenheid. Bij het inrichten van de voerplek zou je hier al rekening mee moeten houden: indien mogelijk, zorg er dan voor dat er vanuit de hoek waaruit je wilt fotograferen een grote afstand zit tussen voerplek en een eventuele groene heg/struik op de achtergrond. Hoe groter die afstand, hoe diffuser en zachter de achtergrond wordt.

Let hierbij ook op de stand van de zon: een plek waar de gehele dag door tegenlicht is in veel gevallen niet ideaal, dus hou hier rekening mee voordat je met fotograferen gaat beginnen.

Compositie

Bij het fotograferen van vliegende tuinvogels bepaal je van tevoren eigenlijk al de gehele compositie van de foto, want het is de bedoeling dat de vogel je beeld in komt vliegen in plaats van dat je de vogel volgt met de camera tijdens de vlucht. Een koolmees of pimpelmees legt in een fractie van een seconde enkele meters af in vlucht, dus volgen met de camera is onbegonnen werk.

vliegende vogels
Misschien iets te beeldvullend? Fotograaf: Marcel van Kammen

Je moet er dus voor zorgen dat de vogels naar 1 specifieke plek vliegen. Dit realiseer je door bijvoorbeeld een holte in een stammetje te maken en deze holte te vullen met vogelzaad of door bijvoorbeeld een pot vogelpindakaas op zijn zij bovenop een paaltje te bevestigen. Hierdoor weet je precies waar de vogel heen gaat vliegen. Het is belangrijk dat dit een heel kleine voerplek is van max. 10 cm breedte van voor naar achteren, zodat de kans dat de vogel binnen het scherptedieptegebied vliegt zo groot mogelijk is.

Vervolgens ga je je verdiepen in het gedrag van de vogels. Vaak volgen vogels een specifieke route door de struiken, om vervolgens vanaf een bepaalde tak de kortste en snelste route naar de voerplek te vliegen.

vliegende tuinvogels
Ook grotere vogels laten zich naar de tuin lokken. Fotograaf: Marcel van Kammen

Als je deze vaste wegvliegplek hebt ontdekt, kun je bezig gaan met je compositie. Je weet nu vanaf welke kant, vanaf welke hoogte en welke afstand de vogel moet afleggen om naar de voerplek te komen. Als je zorgt voor een mooie rustige achtergrond met bijvoorbeeld een heel klein takje als landingsplek voor de vogel, kun je beginnen met fotograferen.

De beste manier is om de camera met telelens op statief te plaatsen. Stel scherp op de landingsplek en laat de camera op dit scherpstelpunt staan. Vervolgens draai je je camera en lens een paar cm in de richting van de kant waar de vogel aan komt vliegen. Richt je op 1 bepaalde soort, want elke vogel heeft een andere manier van landen: een pimpelmees landt vaak vanaf boven op een takje, terwijl een koolmees laag aan komt vliegen en pas op het allerlaatste moment hoogte maakt om op het takje te landen.

Camera-instellingen

Voor het scherp vastleggen van deze kleine vogels heb je veel licht nodig, een camera met veel frames per seconde en bij voorkeur een camera waarbij je gebruik kunt maken van hoge iso-waarden zonder dat er ruis ontstaat.

Klaar voor de landing! Fotograaf: Marcel van Kammen

Voor een pimpelmees die vanaf links of rechts het beeld in komt vliegen is een sluitertijd van 1/2500 sec. of sneller vereist en kun je vaak met een redelijk open diafragma nog wel beelden maken waarbij de vogel ook in het scherptegebied valt, voor een pimpelmees die recht het beeld in komt vliegen is meer ervaring/oefening/licht en geluk vereist om een scherp vliegbeeld te maken.

Mijn stappenplan:

Camera met 500mm lens op statief in de tuin plaatsen. Vantevoren scherpstellen op de landingsplek. Vervolgens kies ik voor een diafragma F/8, F/9 of F/10. Bij F/10 is er een groter gebied van voor tot achter scherp, waardoor de kans groter is dat de vogel binnen het scherpstelvlak valt. De bijbehorende sluitertijd moet op 1/2500 seconde uit komen, wat vaak betekent dat de gebruikte Iso rond de 1600 tot 2500 is.

Ik maak vaak gebruik van een draadloze afstandbediening, zodat ik vanuit het warme huis en vanachter het glas de camera kan besturen. Hierdoor zijn de vogels meer op hun gemak omdat er geen enkele menselijke activiteit buiten zichtbaar is.

Bijna op de elzenprop. Fotograaf: Marcel van Kammen

Vervolgens is het wachten tot de vogel naar zijn vaste plek gaat, vanaf waar de vlucht naar de voerplek begint. Zodra de vogel in beweging komt, druk je de sluiterknop van je camera in om deze pas weer los te laten op het moment dat de vogel op de voerplek is geland. Dit resulteert vaak in ongeveer 8 of 9 beelden in een seconde,waarbij het dan altijd hopen is op een mooie houding van de vogel en een goeie positionering in het beeld. Bereid je voor op heel veel mislukte beelden, maar na vele honderden of duizenden gemaakte beelden heb je soms toch een prachtige houding te pakken. Hoe vaker je hier mee bezig bent, des te meer geslaagde beelden je gaat maken. Het is een kwestie van kennis van je onderwerp, het vooraf inrichten van de plek op een zo efficient mogelijke manier waardoor de foutmarge minimaal wordt en vervolgens heel veel geduld en heel veel foto’s maken.

 

11 reacties

  1. Ik ga het ook doen , na veel macro en natuurfoto’s , mooie plek gevonden bij Poortugaal en daar het Valkensteynse bos helaas DAAR komen ze weer de mensen met loslopende honden en maar schreeuwen geen oog voor de natuur En daar zit ik dan meer dan een uur in mijn scootmobiel …………DAG VOGELS, DAG VLINDERS ,DAG BLOEMEN , DAG FOTO’S

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Geef een reactie

11 reacties

  1. Ik ga het ook doen , na veel macro en natuurfoto’s , mooie plek gevonden bij Poortugaal en daar het Valkensteynse bos helaas DAAR komen ze weer de mensen met loslopende honden en maar schreeuwen geen oog voor de natuur En daar zit ik dan meer dan een uur in mijn scootmobiel …………DAG VOGELS, DAG VLINDERS ,DAG BLOEMEN , DAG FOTO’S

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze artikelen vind je vast ook interessant: