Hoe gebruik je een invulflits

Een van de eenvoudigste vormen van flitsen is het toepassen als een invulflits. Hoewel eenvoudig, kan het gebruik ervan echter een groot verschil maken voor het beeld. In veel situaties blijkt er voldoende licht aanwezig voor het beeld als geheel, maar net even te weinig op het hoofdonderwerp zelf. Met een invulflits licht je het onderwerp net even op. Veelvoorkomende voorbeelden zijn het werken in de schaduw of met tegenlicht.
Deze knoopkruidparelmoervlinder is in tegenlicht gefotografeerd. Daardoor verschijnt de vlinder wat donker in beeld, terwijl dit het hoofdonderwerp is. Met de ingebouwde flitser zorgde ik voor een zachte invulflits, handmatig ingesteld op 1/128. Fotograaf: Paul van Hoof

De manier waarop je dat extra licht toevoegt kan verschillend zijn. Het hoeft zelfs niet eens met een flitser; soms kun je het zonlicht reflecteren met een reflectiescherm. Een flitser is echter minder afhankelijk van het aanwezige omgevingslicht en daarmee vaker inzetbaar.

Meestal is het recht van voren flitsen niet zo mooi, maar voor een invulflits is dat veel minder van toepassing. Het gaat immers slechts om een deel van het licht dat op het onderwerp valt. Je kunt daarom prima uit de voeten met de ingebouwde flitser van je camera of met een flitser op de camera. Vanzelfsprekend kun je die laatste ook los gebruiken, waardoor je het licht gerichter op de gewenste plek kunt krijgen.

Je kunt volstaan met een eenvoudige ‘rechttoe rechtaan flits’, een losse flitser, al dan niet in combinatie met allerlei accessoires. Alles hangt af van de situatie. Zo kan een diffuser het licht verzachten, terwijl je met een kleurfilter de kleur van het licht aanpast aan de rest van de foto. Het is meestal mooier de flitser iets te onderbelichten, waardoor een subtieler resultaat ontstaat. Het gehele principe van een invulflits is namelijk dat je het namelijk niet ervaart als een foto waarbij flitslicht is gebruikt. Een invulflits is dus echt wat anders dan een mooi belicht onderwerp tegen (vervolgens) een zwarte achtergrond!

Fotograaf: Paul van Hoof
Fotograaf: Paul van Hoof
Een aardbeikikkertje kijkt over de rand van een blad. Gelukkig blijft hij stilzitten en is er gelegenheid om de belichting aan te passen. Boven: alleen flitslicht. De kikker wordt belicht, maar het lijkt nacht. Midden: De belichting is ingesteld voor de achtergrond. Het silhouet van de kikker wordt zichtbaar, maar de kikker zelf is te donker. Onder: Combinatie van beide lichtbronnen, hét idee van een geslaagde invulflits. Fotograaf: Paul van Hoof

Landschapsfotografie

Bij flitsen denk je misschien niet direct aan landschapsfotografie. Toch vallen ook daar volop voordelen te behalen, zowel overdag als tijdens de nachtelijke uurtjes. Waar je filters kunt gebruiken om luchten tegen te houden of dynamiek te introduceren met lange sluitertijden, kun je met flitslicht juist bewegende onderdelen bevriezen of specifieke onderwerpen in het landschappelijke beeld extra uitlichten. Ook al lijkt landschap en flits niet de meest voor de hand liggende combinatie, neem deze toch maar wel mee!

Bij landschapsfotografie is vaak sprake van een groot licht-donkercontrast. Zo blijft er in het kleurrijke tegenlicht van de zonsopkomst of -ondergang weinig van het landschap over: de lucht kleurt op, maar onderwerpen in de voorgrond worden al snel donkere silhouetten; je kijkt immers tegen de schaduwzijde van een onderwerp aan. Zelfs bij indirect zonlicht is het overdag al snel te contrastrijk voor een mooie balans tussen belichting achtergrond (lucht) en voorgrond (onderwerp).

Grijsverloopfilters helpen maar beperkt, omdat je tegen de schaduwzijde van een onderwerp aankijkt en omdat je daarmee niet een onderwerp kunt uitlichten, maar een volledig vlak van de foto donkerder maakt. Steekt je onderwerp ook nog eens door de horizon heen in de lucht dan werkt een grijsverloopfilter al helemaal niet. Natuurlijk heb je de mogelijkheid van nabewerking door het oplichten van schaduwpartijen en tegenhouden van lichte delen. Bij hoog contrast is ook dat vaak maar beperkt mogelijk.

Fotograaf: Bob Luijks
De zon komt op, maar je voorgrond is net te donker; een invulflits biedt uitkomst. Fotograaf: Bob Luijks

Juist hier biedt een flitser de oplossing. Hiermee kun je heel specifiek de schaduw van een onderwerp inlichten. Omdat een flitser een beperkt bereik heeft, zeker bij veel omgevingslicht, werkt een flitser alleen voor elementen die zich op korte afstand van de camera bevinden. Nu gaat het bij groothoeklandschapsfoto’s vaak om een boeiende voorgrond. Deze zorgt niet alleen voor een fundament, maar biedt ook iets om naar te kijken. Bedenk dat de aandacht van de kijker getrokken wordt door lichte delen in de foto. Een donker onderwerp of donkere voorgrond zorgt ervoor dat de aandacht verdwijnt naar de achtergrond. Wil je de aandacht op de voorgrond vestigen dan is een extra lichtaccent met bijvoorbeeld flitslicht een goede optie. Het doorbreekt zogezegd een te monotone voorgrond. Overigens gaat het daarbij niet altijd om elementen die zich op de bodem bevinden. Ook bladeren aan bomen kunnen deze rol vervullen, zeker op dagen dat de lucht weinig boeiend is (geheel grijs of blauw).

Invulflits om de herfstkleuren te laten vlammen. Fotograaf: Johan van der Wielen

Reageer op dit artikel

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site wordt beschermd door reCAPTCHA en het Google privacybeleid en servicevoorwaarden zijn van toepassing.

Deze artikelen vind je vast ook interessant: