Menu

Onderdeel van Pixfactory

Bruine vuurvlinder

Een prachtig klein vlindertje dat vanaf het voorjaar te zien is. Actief op zoek naar voedsel, fladderend van bloem naar bloem. In dit artikel: hoe kan je de bruine vuurvlinder herkennen, wat is hun levenswijze en hoe kan je deze vlinder mooi fotograferen.
Bruine vuurvlinder
Vroeg in de ochtend, na een koele nacht zijn de dauwdruppels opgedroogd en deze prachtige bruine vuurvlinder is klaar voor de dag. Fotograaf: Wendy Klaver

De bruine vuurvlinder is niet groot, de voorvleugellengte is ongeveer 14mm (ter vergelijking; de voorvleuglengte van een dagpauwoog is 24-31 mm). Het is een schaarse standvlinder en komt voor op de Veluwe, Drenthe en Twente. Daar kan je ze vinden in droge gebieden, zoals kruidenrijke graslanden en heidevelden. Maar ook in vochtige gebieden, bijvoorbeeld kruidenrijk grasland in laagveenmoerassen.

Vanaf mei zijn de vlinders actief en zijn ze druk opzoek naar nectar. De eerste generatie gebruikt de braam en de tweede generatie vooral struikhei, gewone dophei en akkerdistel. De vlinders van de eerste generatie vliegen van begin mei tot juli en de tweede generatie is te zien van juli tot augustus.

Bruine vuurvlinder
De bruine vuurvlinders maken onder meer gebruik van de jacobskruiskruid als voedselplant. Met hun oprolbare tong halen ze nectar uit de bloem. Fotograaf: Wendy Klaver

De mannetjes zijn een week eerder te zien dan de vrouwtjes. Zij verdedigen een territorium vanaf een nectarplant, bijvoorbeeld een akkerdistel.
Bij warm weer gaat het mannetje op zoek naar een vrouwtje. Hij vliegt in een gebied ter grootte van enkele honderden vierkante meters en houd lange patrouillevluchten.
Wanneer het mannetje een vrouwtje heeft gevonden kan de paring beginnen. Na het paren zet het vrouwtje de eitjes af op de steel van een plant, of op of onder een blad. De plant heeft ze zorgvuldig uitgekozen, dit heeft ze gedaan door boven vegetatie te vliegen op zoek naar een geschikte plek.

De rupsen groeien vooral in de nazomer en de herfst en overwinteren als een halfvolgroeide rups. Dit doen ze tussen dorre bladeren in de strooisel laag. En wanneer het voorjaar weer begint, gaan ze weer verder met eten.  Omstreeks half april verpoppen ze zich.

Je bent lekker aan het wandelen en je ziet een bruine vuurvlinder, hoe weet je dan of het een mannetje of een vrouwtje is? Het meest duidelijke verschil zie je aan de bovenkant van de vleugels. De mannetjes hebben zwarte vlekjes op hun bruine vleugels. Aan de rand van achtervleugel zit een rij met oranje vlekjes. Op de voorvleugel zijn er kleine, lichte oranje vlekjes te zien aan de rand.
Bij het vrouwtje is er meer oranje te zien. Zij hebben op hun achtervleugel een brede oranje rand en op de voorvleugel domineert de oranje kleur meer, over de hele vleugel zijn er oranje vlekken te vinden.

Bruine vuurvlinder
Op een warme voorjaarsdag bleven dit mannetje en vrouwtje om elkaar heen fladderen en draaien. Het mannetje deed zijn best. Of het een mooi liefdesverhaal is geworden weet ik helaas niet. Links zit het vrouwtje, haar vleugels zijn iets geopend. Zie je het verschil met het mannetje? Fotograaf: Wendy Klaver

Maar als een bruine vuurvlinder met zijn of haar vleugels gesloten zitten, hoe zien je dan het verschil? Bij de mannetjes zijn de voor- en achtervleugel gelig gekleurd, met zwarte vlekjes. De vrouwtjes hebben een oranje gekleurde voorvleugel en de achtervleugel is gelig.

Bruine vuurvlinder
Hier zie je een mannetje. De voor- en achtervleugel zijn hetzelfde gekleurd. Op de vorige foto kan je zien dat bij vrouwtjes de vleugels verschillend gekleurd zijn. Fotograaf: Wendy Klaver

Fototips

  • Zet de wekker en ga lekker op tijd op pad. Vroeg in de ochtend moeten de vlinders ook nog even   opstarten en zijn ze rustiger, en in de ochtend is het licht zachter. Vlinders hebben de warmte van de zon nodig en kunnen pas vliegen wanneer hun lichaamstemperatuur minstens 20 graden is.
    Kijk goed in heidevelden of bloemrijke graslanden, wellicht zie je er één die wacht op warmte.
    Ze warmen het snelst op door hun vleugels te openen.
  • Als je vlak op je onderwerp zit kan het gebruik van autofocus een probleem zijn. Als je een macrofoto maakt met autofocus, kan het zijn dat je camera iets in de omgeving pakt als scherptepunt in plaats wat jij scherp wilt hebben. Of je beweegt zelf iets en dan is alleen het sprietje ernaast scherp. Dan is handmatig scherpstellen een betere optie. De volgende tip sluit hier goed op aan.
  • Gebruik een statief. Je hoeft maar iets te bewegen en je ziet deze onscherpte terug in je foto.
    Door je camera op statief te plaatsen en je liveview aan te zetten, bepaal jij waar het scherp wordt en dat zie je direct op je scherm. Klik, en je mooie bruine vuurvlinder foto is gemaakt.
  • Vlinders zijn schuw en bij onverwachte bewegingen zijn ze weg. Ook kunnen ze wegvliegen wanneer jouw schaduw over hen heen valt. Benader ze dus rustig.
  • De vlinder kan veel in beweging zijn en wellicht waait het iets, een snellere sluitertijd is aan te raden.
  • Zelf gebruik ik vaak een sluitertijd van 1/320 tot 1/500s. Afhankelijk van hoe bewegelijk de vlinder is en of het waait. Zit de vlinder stil of beweegt deze amper, dan kan je een langere sluitertijd nemen.Als ik op pad wil gaan om vlinders te fotograferen, check ik altijd wat de weersvoorspellingen zijn. Gaat het stevig waaien, dan kies ik ervoor om een andere keer te gaan. Dit is natuurlijk persoonlijk. Misschien hou jij wel van een uitdaging.
  • Zowel de bovenkant als de onderkant van de vleugels zijn prachtig. Probeer of je ze allebei op de foto kan zetten. En zoom in op de details, hun ”vurige” vlekken of voelsprieten.
  • Door een doorkijkje te maken creëer je diepte in je foto. Betrek bijvoorbeeld de planten erbij die eromheen staan.
  • Door dicht op je onderwerp te zitten en je diafragma open te zetten (laag in getal), krijg je een zachte foto waarbij weinig scherpte is. Wil je meer scherpte, kies een kleiner diafragma (hoog in getal). Probeer daarmee te spelen om te kijken wat jij het mooist vindt.
  • Met een macrolens kan je prachtige (detail) foto’s maken wanneer de vlinder niet te ver weg is. Een telelens is ook een goede optie om vlinders vanaf een afstand te fotograferen.
Bruine vuurvlinder
Het vroege opstaan werd beloond. Doordat ik rustig liep en goed keek in het veld zag ik dit kleine vlindertje. Fotograaf: Wendy Klaver
  • Bovenstaande foto heb ik vroeg in de ochtend gemaakt na een frisse nacht in de zomer.
    De vlinder was bedekt met druppels. Ik kon rustig de tijd nemen om foto’s te maken. Omdat ik ook de binnenkant van zijn vleugels wilde zien besloot ik te wachten. Na anderhalf uur gingen voorzichtig de vleugels open en weer dicht. Hij ging zich verplaatsen en opende weer zijn vleugels, en was zich heerlijk aan het opwarmen. Na een paar minuten vloog hij ervandoor.
  • Deze soort is een weinig mobiele vlinder, dat wil zeggen dat ze een klein leefgebied hebben en geen grote afstanden afleggen.

Leefomgeving

Droge gebieden, zoals kruidenrijke graslanden en heidevelden en vochtige gebieden, bijvoorbeeld kruidenrijk grasland in laagveenmoerassen.

Vindtijd

Begin mei – eind juni
Begin juli – eind augustus

Bescherming

Deze vlinder is beschermd in het kader van de Wet natuurbescherming.

Kwetsbaarheid

Staat op de Rode lijst van bedreigde vlindersoorten als kwetsbaar.

Verspreidingskaart

En dan nog dit!

Naast de bruine vuurvlinder zijn er meer soorten vuurvlinders, zoals de kleine vuurvlinder. Deze soort lijkt erg op het vrouwtje van de bruine vuurvlinder. Laatst had ik het geluk dat ze samen een plant deelde en kon ze samen op de foto zetten.

Bruine vuurvlinder
Links zie je de bruine vuurvlinder en rechts de kleine vuurvlinder. Fotograaf: Wendy Klaver

4 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Geef een reactie

4 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze artikelen vind je vast ook interessant: