HOME < IN DE ZOEKER < SOORTEN
IN DE ZOEKER

Fototips voor de grote weerschijnvlinder

Deze tropisch aandoende vlinder is een zeldzaamheid, maar doet het de laatste jaren erg goed in ons land. Het jaar 2018 kent extreem veel meldingen. Het opwarmende klimaat draagt er wellicht aan bij dat deze forse dagvlinder steeds vaker gesignaleerd wordt.

Grote weerschijnvlinder
Een detailopname van de weerschijnvlinder, twee strenge ogen kijken je aan. Fotograaf: Ron Poot

Zijn naam dankt de weerschijnvlinder aan de donkerblauwe glans op de bovenvleugels. Althans van de mannetjes, want de vrouwtjes zijn bruin van kleur. Groepsdieren zijn het niet, er komen maar enkele exemplaren per hectare voor. Daarentegen zijn ze wel trouw aan hun standplaats, elk jaar kun je ze op dezelfde locatie weer treffen.

Vanaf half juni zijn weerschijnvlinders te zien en ze vliegen tot in augustus, in één generatie. Hun leven speelt zich voornamelijk hoog in de bomen af. Daar voeden de vlinders zich met honingdauw en sap van bloedende bomen. Ook hun eieren leggen ze hoog in de bomen, in de toppen van een wilg.

De omstandigheden waarin de weerschijnvlinder haar eitjes legt, komen nogal nauw. Ze legt ze alleen bij zonnig weer en wel op oude wilgenbladeren op 5 meter hoogte. Het moet niet alleen een warme plek zijn, ook de luchtvochtigheid moet hoog zijn. Het zijn dus bomen op beschutte vochtige plaatsen die in aanmerking komen, zoals luwe bosranden.

Soms zie je de mannetjes op de grond, waar ze drinken uit een plasje water of zich tegoed doen aan uitwerpselen. Vrouwtjes zie je zelden beneden.

De rupsen komen in de loop van de zomer uit het ei en knagen aan de wilgenbladeren. Heel karakteristiek eten ze het blad links en rechts van de hoofdnerf weg. Tegen de winter verkleurt de rups van groen naar bruin en verstopt zich onzichtbaar tussen de takken of de schors van de wilg. In het voorjaar komt de rups weer tevoorschijn en begint verder te eten aan het jonge blad. Dan krijgt hij ook zijn groene kleur weer terug. In de zomer verpopt de rups zich, hoog in de boom.

Weerschijnvlinders leven hoog in de bomen, alleen het mannetje komt wel eens beneden. Fotograaf: Ron Poot

Fototips

  • Probeer een territorium te ontdekken van de weerschijnvlinder. Het zijn vaak markante bomen in een bosrand. De vlinders gebruiken dezelfde boom vaak jaren achtereen. Mannetjes en vrouwtjes ontmoeten elkaar daar en paren hoog in de boom.
  • De lievelingsboom van de weerschijnvlinder is de boswilg, met voorkeur voor luwe vochtige bosranden, bij beken of bospaden. De mannetjes komen bij voorkeur ‘s morgens beneden om hun territorium uit te zoeken.
  • Mannetjes komen graag naar beneden om te drinken of hun voorraad mineralen aan te vullen. Je kunt het mannetje lokken met kadavers, stinkende kaassoorten en uitwerpselen.

Verspreidingskaart

Nederland

België

Meer weten?

Vlinderstichting

Bericht Extreem veel meldingen weerschijnvlinder

Voorbeelden op Nederpix

En dan nog dit!

Op warme dagen kun je als natuurfotograaf zomaar belaagd worden door een mannetje weerschijnvlinder. Ze zijn namelijk verzot op zweet! Het kan gebeuren dat die prachtige vlinder neerstrijkt op je bezwete voorhoofd en van de zweetdruppels begint op te likken. Maak daar maar eens een foto van… De reden hiervan is dat het mannetje extra zout nodig heeft. Tijdens de paring brengt hij naast sperma ook zout over aan het vrouwtje, zodat de eitjes zich beter kunnen ontwikkelen. Naast zweet zijn ze ook verzot op uitwerpselen en stinkkaas.

De mannetjes van weerschijnvlinders zijn verzot op uitwerpselen. Fotograaf: Ron Poot

Deel dit artikel


0
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *