HOME < IN DE ZOEKER < SOORTEN
IN DE ZOEKER

Grote wederik

De zomer is het seizoen van de uitbundige bloeiers. Een daarvan is grote wederik, een forse plant die met zijn rijkbloeiende knalgele pluimen kleur geeft aan slootkanten en vochtige bermen. Een algemene soort, met uitzondering van de zeeklei gebieden waar hij vrij schaars is.

Grote wederik
Een groepje bloemen, registratieplaatje van de bloei van wederik. Fotograaf: Ron Poot
Delen

Met zijn knalgele bloemen kun je grote wederik niet missen. Vaak tussen het riet en in de buurt van andere vochtminnende kruiden. Dan vormen deze planten een bont gezelschap met kleurrijke soorten als harig wilgenroosje, koninginnenkruid, moerasspirea en kattenstaart.

De plant kan zich met zijn ondergrondse wortelstokken gemakkelijk uitbreiden en als hij het naar zijn zin heeft op zijn standplaats vormt hij flinke plakkaten. Het is een kruid, dus de bovengrondse delen sterven in de winter af. Ondergronds leeft hij echter voort en in het voorjaar komen de nieuwe scheuten weer boven de grond.

Grote wederik is lid van de sleutelbloemfamilie en daar is het (zoals de naam al doet vermoeden) de meest forse soort van. En tevens de meest algemene! Familieleden zijn de moeraswederik, die nog nattere standplaatsen opzoekt, de zeldzame boswederik en penningkruid, een laag-bij-de-gronds kruipertje van slootkanten. Een bekende tuinplant is de forse puntwederik, die soms ook wel verwildert langs bermen en spoordijken.

De bloemen zijn vijftallig en de kroonbladen vormen een geheel. Dat kun je goed zien als er een bloem afvalt, als een gouden kroontje blijft hij op de grond liggen. Vaak hebben de kroonslippen een oranje voet, dat maakt de bloemen extra kleurrijk. De meeldraden zijn deels vergroeid en zitten vast aan de bloemkroon. Onderin de bloem, aan de voet van de helmdraden, zitten klieren. Deze vormen echter geen nectar, zoals bij veel bloemen, maar olie.

De bladeren zijn vrij smal en langwerpig en hebben iets van een wilg. Daar komt de naam “wederik” ook vandaan, het betekent “wilgachtig”. Bij grote wederik staan de bladeren vaak twee aan twee, maar vaak zie je ze ook in drie- of viertallen bij elkaar staan. Daar herken je de niet-bloeiende planten heel gemakkelijk aan.

De vruchten zijn bolvormig. Als de kroon is afgevallen, zie je alleen de stijl nog boven op de vrucht staan, als een steeltje aan een kers. In de winter kleuren ze oranje. Bij rijpheid gaan de bolletjes open met vijf kleppen en dan komen de zaden vrij.

Bloeiende wederik in een moerasgebied. Fotograaf: Ron Poot

Fototips

  • De gele bloemen zijn fotogeniek. Sommige zijn helemaal geel, andere hebben een oranje vlek aan de binnenkant. Die zijn extra mooi op de foto.
  • Grote wederik groeit in vochtige voedselrijke vegetaties. Samen met andere zomerbloeiers vormen ze een kleurrijk beeld in het landschap. Daar kun je dankbaar gebruik van maken om je landschapsfoto wat op te fleuren.
  • In de winter geven de vruchten wat vrolijkheid in het sombere jaargetijde met hun oranje kleuren.
  • Voor een wat creatievere foto is het leuk om door andere bloemen heen te fotograferen. Let ook op de achtergrond. Reflecties van water of lichtval door de boomkruinen kunnen leuke bokeh effecten geven in de achtergrond.
  • Speciale aandacht verdienen de bezoekers,  een speciale gast van de wederik is de bijzondere slobkousbij. Zie verder hieronder.
Winterbeeld, de rijpe oranje vruchten met lichtreflecties in de achtergrond. Fotograaf: Ron Poot

Verspreidingskaart

Statistieken en verspreiding Nederland

Verspreidingskaart België

Meer weten?

Wilde planten

 

En dan nog dit!

Een bij die speciaal afkomt op wederik is de slobkousbij. Met name de vrouwtjes zijn op zoek naar de olieklieren onderin de bloem van wederik. De dames verzamelen de olie met behulp van zuigkussentjes aan hun voorste vier poten. Terwijl ze bezig zijn raakt hun borst bedekt met stuifmeel. Als de bij wegvliegt, hevelt ze de stuifmeel met olie over naar reservoirs aan de achterpoten. Daar dankt de slobkousbij zijn naam aan. Om geen voorraad te verliezen strekt de vrouwtjesbij de achterpoten omhoog bij bloembezoek, een kenmerkend gezicht. De mannetjes kun je ook bij wederik vinden, niet om olie of stuifmeel te verzamelen, maar alleen om de vrouwtjes te zoeken.

Deel dit artikel


0
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *