HOME < IN DE ZOEKER < SOORTEN
IN DE ZOEKER

Hulst, een evergreen

Als de kerst nadert groeit de populariteit van hulst. Je vindt hulst opeens overal in kerstversiering en op kerstkaarten. De helderrode bessen in het altijd groene blad brengen kleur in de donkere dagen en geven hoop op betere tijden. De stekeligheden vergeten we even en we vieren het feest van het licht. En we richten onze camera op hulst, dat niet alleen rond de kerst maar ook daarbuiten een evergreen is die het fotograferen waard is.

Hulst, een evergreen
Hulst brengt kleur in de donkere dagen. Fotograaf: Ron Poot

Het bijzondere van hulst is, dat het de enige inheemse loofboomsoort is die zijn blad niet verliest in de winter. In het wild kom je hulst tegen in bossen, bosranden en houtwallen. Vaak zijn ze struikvormig en alleen in gunstige omstandigheden groeien ze uit tot flinke bomen die wel een paar honderd jaar oud kunnen worden. Kenmerkend aan de stam is de gladde schors.

Er zijn meer opmerkelijke eigenschappen. Zo zijn er bij de hulst mannetjes en vrouwtjes. In het voorjaar kun je aan de bloemen zien van welk geslacht de plant is. De mannelijke bloemen hebben vier meeldraden en staan in dichte groepen bijeen. De vrouwelijke bloemen staan wat losser van elkaar en in het midden van elke bloem zit een stamper, die de vorm heeft van een groen bolletje. Hieruit ontstaan de bessen. De hoofdbloeitijd is mei-juni, je kunt echter tot in het najaar wel bloemen aantreffen.

De bladeren zijn dik en stevig en voorzien van forse stekels. Het bladoppervlak is afgeschermd door een glimmende waslaag. Hierdoor is het blad goed beschermd tegen vraat en uitdroging. Toch zijn er beestjes die wel raad weten met het taaie blad. Het zijn gespecialiseerde insecten zoals de hulstvlieg. De hulstvlieg is een bladmineerder, die zijn eieren legt in het hulstblad. De uitgekomen larven vreten zich door het bladweefsel heen. Je ziet hun gangen als een bruingeel patroon op het hulstblad.

 

De stekeligheid van hulst is hier geaccentueerd in sinister licht. Fotograaf: Ron Poot

 

Fototips

  • Hulst vind je in bossen, maar ook op lichtere plaatsen als bosranden en houtwallen. Het voordeel van die plekken is dat daar vaak wat meer bloemen en bessen verschijnen.
  • Veel licht heeft bij hulst ook nadelen. De glimmende delen van bladeren en bessen kunnen gemakkelijk overbelicht raken en dat geeft lelijke uitgebeten plekken op je foto. Vermijd zonlicht en scherm zo nodig af met een diffusiescherm of witte paraplu.
  • In het bos kun je het bladerdek van de boomkruinen als achtergrond gebruiken. Bij gebruik van een macrolens en open diafragma kan dit een mooi bokeh opleveren vol lichtkringen.
  • In het voorjaar kun je de meeste bloemen vinden, let op het onderscheid tussen mannetjes en vrouwtjes.
  • Vergeet het blad niet, ook dat is heel interessant om te fotograferen. Zoom eens in op de stekels en de gegolfde bladrand. De markante bladvorm leent zich goed voor silhouetten.
  • Zoek eens naar bladeren die aangetast zijn door de larven van een bladmineerder. De gangen vormen soms mooie patronen.
Detail van het blad van hulst, macro opname van de zijkant van een blad. Fotograaf: Ron Poot

Verspreidingskaart

Nederland

België

Verspreidingsatlas

Meer weten?

Flora van Nederland

Wilde Planten

Voorbeelden op Nederpix

En dan nog dit!

De rode bessen van hulst zijn voor mensen giftig, maar niet voor vogels. Toch zijn er maar weinig vogels die hulstbessen lekker vinden, de schaarse appelvink is een van de weinige. Lijsters eten ze pas aan het eind van de winter als ze echt niets anders meer kunnen vinden. Geen wonder dat je de bessen tot ver in de winter kunt aantreffen.

Deel dit artikel


0
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *