Herkenning
De krakeend is bijna even groot als een wilde eend, maar zeker het mannetje is makkelijk van de wilde eend te onderscheiden vanwege zijn bruine kop en zwarte achterlijf. De rest van het lichaam is grijs met een fijne tekening. Daarmee is hij veel minder bont gekleurd, maar zeker niet minder fraai. Het vrouwtje is, zoals bij de meeste eenden, bruin en lijkt daardoor veel op het vrouwtje wilde eend. Maar de krakeend is fijner gebouwd en heeft in plaats van een blauw-violette vlek op de vleugels een witte vlek (de spiegel). Je kunt dit vooral goed zien als de eend vliegt of met haar vleugels wappert, maar vaak ook nog als ze haar vleugels heeft ingeklapt. Behalve aan die witte spiegel op de vleugels kun je de vrouwelijke krakeend ook herkennen aan de oranje snavel en de witte buik. Een ander verschil met de wilde eend is dat de krakeend doorgaans veel schuwer is. Hou daar dan ook rekening mee en hou voldoende afstand bij het fotograferen.

Voorkomen
De krakeend komt voor op het noordelijk halfrond van Azië tot Noord-Amerika, maar de krakeend mijdt de koude, Arctische gebieden. Sommige krakeenden in Nederland blijven jaarrond hier, andere trekken naar het Middellandse zeegebied om te overwinteren. Krakeenden uit Rusland en Scandinavië komen weer hier overwinteren.

Broeden
Net als bij de wilde eend zijn de broedkoppels al gevormd als zij aankomen in het voortplantingsgebied. En net als bij de wilde eend broedt alleen het vrouwtje op de 7 tot 12 eieren, die geel tot roze getint zijn. De krakeend broedt later in het seizoen: in de periode mei-juli worden de eieren gelegd in een goed verscholen nest. Meestal wordt het nest gemaakt in een stukje van de waterkant in ruige begroeiing. Daar zijn de nesten veilig en worden ze ook niet zo vaak verstoord als bij de wilde eend, wanneer er gemaaid wordt.

Forse toename van het aantal krakeenden
Die wat schuwere levenswijze en het beter verstoppen van het nest dragen in ieder geval bij aan de toename van de aantallen krakeenden. In 1929 was de krakeend nog zeldzaam in ons land. In de zeventiger jaren werd het aantal broedparen geschat op 500 tot 800, nu zijn er dat naar schatting 12.000 tot 21.000. Dat is nog altijd een factor 10 minder dan het aantal wilde eenden. In de winter komen er nog zo’n 100.000 overwinteraars bij. De krakeend doet het goed in voedselrijk water. Daar vindt de soort een overvloed aan plantaardig voedsel. Aan te voedselrijk oppervlaktewater is in Nederland geen gebrek door nitraat en fosfaat uit verkeer, uitspoeling uit akkers en weilanden en uit gezuiverd rioolwater. Door de Deltawerken, de aanleg van de Markerwaard en de vele wetlands die er de afgelopen decennia zijn bijgekomen, heeft de krakeend er in Nederland veel leefgebieden bij gekregen, wat een belangrijke reden is voor hun succes. De grootste trefkans heb je in de polders van West-Nederland.

Dieet
De krakeend is een vegetariër, die zich voedt met bladeren, stengels, knoppen, wortelstokken en zaden. Bij zout water eten ze algen en wieren. De krakeend zoekt grondelend en slobberend naar voedsel in het water. De krakeend eet maar weinig dierlijk voedsel. In de wintermaanden wordt het plantaardig menu aangevuld met insecten en weekdieren als slakken en mossels.













2 reacties
Prachtige beelden , Edwin !
Dank je wel Hans!