HOME < IN DE ZOEKER < SOORTEN
IN DE ZOEKER

Zo fotografeer je het oranje zandoogje

Opeens fladdert er iets kleins en oranje langs de bosrand of een struik. Goede kans dat je een ontmoeting hebt met het oranje zandoogje. In de maanden juli en augustus kun je die volop in zijn leefgebied tegenkomen. Het feest is compleet als het beestje gaat zitten en zijn vleugels open klapt. Dan is het oranje boven en met het nodige geduld lukt het ook nog om dit fraaie vlindertje op de foto te zetten.

zandoogje
Een vrouwtje met de vleugels open. Met klein diafragma (f/16) is alles scherp en krijg je een goede registratiefoto. Fotograaf: Ron Poot

De zandoogjes herken je gemakkelijk aan het oogje in de top van de bovenvleugel. Bij de meeste zandoogjes bestaat dit “oog” uit een donkere vlek met een witte stip. Het oranje zandoogje heeft echter twee witte stippen in het oogje en is daarmee goed te onderscheiden van bijvoorbeeld het bruin zandoogje. Van een grote afstand zie je dat niet, dan moet je er even met je neus bovenop zitten.

Het vrouwtje is mooier oranje dan het mannetje. Bovendien heeft de man een donkere veeg over de oranje bovenvleugel, dat is de zogenaamde geurstreep. Hier produceert het mannetje geurstoffen die belangrijk zijn voor de balts. Je kunt de vlinders op allerlei bloemen tegenkomen op zoek naar nectar. Populair zijn vooral de bloemen van braam en struikhei.

De vlinder heeft één generatie per jaar. Deze vliegt van juni tot september, met een piek in juli en augustus. In die periode vindt de paring plaats en legt het vrouwtje de eieren. Nou ja, leggen… ze kromt het achterlijf en schiet de eitjes als het ware de vegetatie in, in de hoop dat die blijven kleven op een plant of een grasspriet. Vaak komen ze ook op de grond terecht.

Vanaf augustus komen de eitjes uit en leven de rupsen van allerlei grassoorten. In oktober kruipen de rupsen diep weg in een graspol om te overwinteren. In het voorjaar komen ze weer tevoorschijn en eten verder.  In juni verpoppen de rupsen zich pas en dan verschijnen ook snel de vlinders.

Het verspreidingsgebied van het oranje zandoogje is wonderlijk. Hij is algemeen in de zuidelijke provincies en in het noorden, met name Drenthe en de aangrenzende delen van de buurprovincies. Daartussen kom je hem zelden tegen.

Vlinder in de schaduw en achtergrond in de zon geeft vaak een decor met lichte zachte kleuren. Met groot diafragma (f/2,8) krijg je een vervagende achtergrond. Fotograaf: Ron Poot

Fototips

  • Zoek de oranje zandoog in de buurt van bosranden, houtwallen en struwelen. Daar voelt hij zich thuis en gaat hij het vaakst rusten.
  • Vlinders zijn het actiefst bij zonnig en warm weer. Fel zonlicht is echter niet fijn vanwege harde contrasten, kies liever diffuus of gedempt licht als het kan, bijvoorbeeld sluierbewolking.
  • Je kunt bij zonnig weer je eigen schaduw maken door even tussen de zon en de vlinder in te staan. De vlinder vindt dat meestal niet fijn en kiest er snel voor om weg te vliegen of de vleugels dicht te klappen. Zorg dat vooraf je instellingen goed staan, maak dan de schaduw en druk daarna zo snel mogelijk af.
  • Probeer steeds scherp te stellen op het oog, dat is een punt dat snel de aandacht trekt bij de kijker.
  • Van opzij is het belangrijk zoveel mogelijk scherp te hebben, zowel het echte oog als het “oog” op de vleugeltop. Kijk goed in welk vlak de vleugels liggen en kies je kijkrichting loodrecht op dit vlak.
  • Maak opnames met meerdere diafragma waarden om zo een reeks met toenemende scherpte diepte te hebben. Voor een goede registratiefoto is een klein diafragma met veel scherptediepte geschikt, voor meer sfeerrijke macro opnames kies je juist een groot diafragma.
  • Oranje zandoogjes zijn vaak nogal schuw. Benader ze voorzichtig en maak geen schielijke bewegingen.
  • De vlinder hoeft niet altijd vol in beeld te zijn. Betrek de omgeving er bij en automatisch krijg je hierdoor veel meer verhaal in je beeld.

 

Verspreidingskaart

Nederland

België

Meer weten?

Vlinderstichting

Natuurpunt

Voorbeelden op Nederpix

En dan nog dit!

Mannetjes die op zoek zijn naar een vrouwtje vliegen laag boven de vegetatie. Alles wat een beetje op een vlinder lijkt benaderen ze, zelfs dorre blaadjes. Ze verdedigen geen territorium maar het mannetje blijft vaak wel een paar dagen in hetzelfde gebied. Als hij geen succes heeft vertrekt hij een naar een nieuwe stek een paar honderd meter verderop en probeert het opnieuw. Soms zie je een vrouwtje trillen met de vleugels als ze door een mannetje wordt benaderd. Dan heeft ze er geen zin in. Wil het vrouwtje wel paren, dan vindt de paring vaak al zonder balts plaats.

Deel dit artikel


0
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *