Licht mee (frontlight)
Hier staat de zon achter je en beschijnt het onderwerp dat je wilt fotograferen.
Met dit licht accentueer je kleuren.

Zijlicht
De zon beschijnt hier je onderwerp van opzij. Met dit licht accentueer je textuur.
Een speciale vorm hiervan is strijklicht, dat is er als de zon laag staat. Je krijgt dan lange schaduwen en dat geeft een nog mooier effect. Denk aan foto’s van ribbels in het zand.
Tegenlicht (backlight)
De zon staat voor je en beschijnt de achterkant van je onderwerp.
Met dit licht accentueer je vorm. Het leent zich erg goed om silhouetten te fotograferen. Als de zon laag staat en je hebt tegenlicht, kun je mooie lichtrandjes/brandrandjes om je onderwerp heen krijgen.

Indirect licht
Dit licht is er als het bewolkt of mistig is. De lucht is dan één grote softbox en er zijn geen schaduwen. Goed belichten is makkelijker, want er zijn geen grote contrasten tussen donker en licht.
Indirect licht is perfect voor macrofotografie, om kleuren goed weer te geven en voor het maken van high-key foto’s.

Gouden uur
Het gouden uur is net voor zonsondergang en net na zonsopkomst.
Het geeft een warme, gouden gloed aan de foto. Dit is erg mooi bij tegenlicht.

Blauwe uur
Het blauwe uur is net voor zonsopkomst en net na zonsondergang.
Het geeft een koude, blauwige gloed aan de foto.
Hard licht
Midden op de dag is het licht hard. Er is veel contrast tussen donker en licht en daarom is het lastiger om een goed belichte foto te maken. Het wordt door veel mensen beschouwd als lelijk en onbruikbaar om in te fotograferen. Maar dat is maar net wat je ermee doet.
Bij macrofotografie kun je dit heel goed gebruiken als je zelf je onderwerp in de schaduw zet. Strikt genomen heb je dan geen hard licht meer, maar op deze manier kun je toch mooie foto’s maken midden op een zonnige dag.
Kunstlicht (zoals flitslicht)
Bovenstaande soorten licht gaan allemaal over natuurlijk licht. Natuurlijk kun je zelf ook (een) lichtbron(nen) toevoegen, bijvoorbeeld een flitser of een lamp. Je hebt dan zelf in de hand hoe veel licht je de flitser laat afgeven en uit welke richting het licht komt.
Een term die je vaak hoort is invulflits. Dat gebruik je als je onderwerp in de schaduw staat of bij tegenlicht (als je geen silhouet wilt). Je richt de flitser dan op het onderwerp om dat wat meer uit te lichten tegen de achtergrond.




