Menu

Onderdeel van Pixfactory

Weidevogels, tussen hoop en vrees

Elk voorjaar kijk ik er naar uit. De weidevogels. Al zeker tien jaar ga ik in april enkele dagen op stap naar Friesland of Noord-Holland om te genieten van onze boerenlandvogels. En uiteraard om ze te fotograferen.
De grutto, onze nationale vogel en bekendste weidevogel. Fotograaf: Jan Dolfing

Weidevogelhut

Ik heb net als vorig jaar een fotohut geboekt op Marken bij de weidevogelboerderij van boer Wim en boerin Jeanine. Een fantastische plek, de hut staat midden in plasdras gebied en wordt omringd door tientallen weidevogels. Kievit, tureluur, grutto, scholekster, plevieren en met enig geluk kemphanen. Wat ik hier zo mooi vind is dat de aantallen weidevogels tegen de trend in toenemen. Dat bereiken ze door een speciaal weidevogelbeleid. Dus laat maaien, de weilanden deels onder water zetten (plasdras), extensief weidebeheer en stalmest. Door subsidies van de overheid en een uitgekiende bedrijfsvoering blijkt dan opeens inkomen en natuur prima hand in hand te gaan.

De kievit, ook een karakteristieke boerenlandvogel. Fotograaf: Jan Dolfing

Schokkende afname aantal weidevogels

Want dat het met de weidevogels (en onze natuur in het algemeen) niet goed gaat weten we allemaal. Uit grootschalige tellingen blijken de aantallen weidevogels drastisch omlaag te gaan. Zo zijn grutto’s, onze nationale vogels, terug gegaan van 120.000 broedparen in 1970 naar minder dan 35.000 broedparen in 2020. De kievit neemt jaarlijks bijna 5% in aantal af en is in 20 jaar tijd bijna gehalveerd. Ook de scholekster staat onder druk, van circa 250.000 vogels in 1985 naar circa 120.000 vogels in 2016. Schokkende getallen.

Een kemphaan, een feestje om voor de lens te krijgen. Fotograaf: Jan Dolfing

Genieten rondom de hut

Gelukkig zie ik voor de hut nog van alles gebeuren. Grutto’s scheuren als starfighters (voor de wat oudere lezers onder ons) door de lucht. Kieviten jodelen er vrolijk op los. En er landt zowaar een heel stel kemphanen. Wat een prachtige vogels. Vooral de mannen met hun fraaie kraag. Geweldig. Ik geniet volop van alles om me heen.

De mannelijke kemphanen hebben een geweldige kraag om mee te imponeren. Fotograaf: Jan Dolfing

Waarom nemen de aantallen weidevogels zo schrikbarend snel af

Die kemphanen gaat het ook al niet goed mee. Ook zij nemen angstwekkend snel in aantal af. De redenen voor de achteruitgang van de boerenlandvogels zijn divers. Deels hangt dit samen met het verlies van habitat, zo verloor de grutto 25% aan leefgebied. Dat is heel veel! En echt niet alleen de schuld van de boeren, zoals de media en politiek ons willen laten geloven. Ook industrie en woningbouw dragen hier fors aan bij.

Voor een goed weidevogelbeleid zal het aantal koeien per ha grond omlaag moeten. Fotograaf: Jan Dolfing

Om tot een goed inzicht te komen waarom de aantallen afnemen zal je naar vele factoren moeten kijken. Bijvoorbeeld naar het aantal gehouden koeien per ha grond (nu 2,3 GVE (grootvee eenheden)/ha, dit zou terug moeten naar 1 GVE/ha), wanneer wordt de eerste snede gras gemaaid, bemesten van de grond door middel van stalmest in plaats van mest injecteren, waterpeil van de weilanden, kruidenrijkdom van de weilanden, gebruik van chemische middelen en ga zo maar door. Uiteindelijk hebben al deze factoren invloed op het aantal nesten, het aantal succesvol uitgebroede eieren en tenslotte op het aantal grootgebrachte jongen dat zich opnieuw voortplant.

Kievit jong van enkele dagen oud. Fotograaf: Jan Dolfing

Volop jongen rond de hut, het kan dus wel

Vorig jaar zagen we voor de hut een groot aantal jongen. Zowel van de kievit als van de grutto. Het is een genot om te zien hoe de jongen onder het toeziend oog van hun ouders op jacht zijn naar allerlei insecten tussen het hoge gras. Bedreigingen worden fel aangevallen door kievit en grutto ouders. Dit jaar ben ik er voordat de jongen geboren zijn. Ik zag de eerste eieren alweer in het nest van de kievit liggen. Door het aangepaste beleid hier op Marken hebben deze een goede kans om uiteindelijk volwassen vogels te worden. Natuurlijk sneuvelen er eieren en jongen, maar daar is gezonde natuur op ingesteld. Die vangt dit verlies gemakkelijk op.

Grutto met jong, hoe lang nog in onze weidegebieden te bewonderen? Fotograaf: Jan Dolfing

Onwetendheid over predatoren

Kennis en onderbouwing van factoren rondom de weidevogel problematiek is uitermate belangrijk. Zo las ik bijvoorbeeld dat als een goed muizenjaar wordt gevolgd door een slecht muizenjaar dit ten koste gaat van de aantallen grootgebrachte kuikens van de weidevogels. Huh, hoezo dat? Veel muizen betekent veel predatoren door de makkelijke prooivangst, echter het jaar erop is er te weinig makkelijke prooi en schakelen veel predatoren over op het vangen van kuikens van de weidevogels. Ik heb er nooit bij stilgestaan dat dit zo werkt. Zo zie je maar hoe snel er kortzichtig gedacht wordt, ook door mij. Predatoren hebben zeker een grote invloed op het aantal pullen dat groot wordt. En dit geldt niet alleen voor de vos, de enige (niet geheel terecht) boosdoener in veel ogen. Ook roofvogels, ooievaars, reigers, meeuwen, kraaien, bunzing en ga zo nog maar even door dragen hier aan bij. En laten we de grootste predator, de mens, niet vergeten. Maar ook allerlei secundaire factoren spelen hierin dus een niet te onderschatten rol.

De vos, één van de predatoren van weidevogels. Fotograaf: Jan Dolfing

Droogte

Voor de hut zie ik ondertussen ook geregeld kraaien, en zelfs een grote zilverreiger komt even op het veld speuren naar een lekkere hap. Gelukkig zijn er nu nog geen jonge vogels en moet hij genoegen nemen met wat vette wormen. Lang blijft hij dan ook niet hangen.
Een andere belangrijke factor is het klimaat. De droogte van de afgelopen jaren liet veel plasdras gebieden droogvallen, waardoor de nesten niet langer beschermd werden door het omringende water en de eieren en jongen voor landpredatoren opeens uitermate makkelijk bereikbaar waren. Deze droogte hangt samen met klimaatverandering, waar u en ik allemaal aan bijdragen. Indirect zijn we dus met zijn allen verantwoordelijk voor de teloorgang van de weidevogels.

De tureluur is ook zo’n karakteristieke weidevogel. Fotograaf: Jan Dolfing

Schuldige of oplossing zoeken?

Laten we maar eens ophouden met dom te roepen dat de schuld bij één partij (lees boeren) ligt, beter nog laten we de schuld maar in het midden laten. Ik vind dit helemaal niet belangrijk. Wat wel superbelangrijk is, is het zoeken naar een voor alle partijen werkbare oplossing. Gelukkig zijn er op dit moment veel initiatieven om de terugloop van de boerenlandvogel tegen te gaan. Langzaam dringt het besef in Nederland door dat het heel erg slecht gaat en dat er iets zal moeten veranderen als we weidevogels willen behouden. Initiatieven als het Aanvalsplan Grutto, het Deltaplan Biodiversiteitsherstel en tientallen particuliere initiatieven dragen bij aan het afremmen van de terugloop van de aantallen vogels. Nu maar hopen dat de aantallen in de nabije toekomst weer zullen toenemen.

Scholeksters, ook wel bonte piet genoemd. Fotograaf: Jan Dolfing

Succes kan alleen als iedereen meewerkt

Dat brengt ons terug op Marken, waar het bewijs staat dat een aangepaste bedrijfsvoering wel degelijk succesvol kan zijn in de bescherming en herstel van de boerenlandvogels. Waarom kan dit niet overal zo? Punt is natuurlijk dat boeren niet alleen bereid moeten zijn om de benodigde aanpassingen te doen, maar tevens een goed inkomen moeten houden en een praktisch werkbaar bedrijf moeten hebben. U wilt tenslotte in uw werk ook niet opeens allemaal regeltjes opgelegd krijgen om vervolgens te vernemen dat u er ondanks de toename van werk toch fors op achteruit gaat in uw inkomen. Meer werk, minder geld. Dat wil niemand, ook de boer niet! Wij als burgers kunnen hier aan bijdragen door bereid te zijn een hogere prijs te betalen voor de zuivel- en vleesproducten in de schappen van de winkels. Wat dan weer wel bij de boeren moet terecht komen en niet bij de tussenhandel.

Jonge grutto, hopelijk ook in de toekomst nog te zien op de Nederlandse weidegronden. Fotograaf: Jan Dolfing

Hoop

Heb ik dan de wijsheid in pacht? Nee absoluut niet, wat ik hier geschreven heb zijn mijn individuele hersenspinsels aangevuld met kennis die ik uit allerlei artikelen heb gehaald omtrent onze weidevogels. Ik weet echter wel dat als er niets verandert we binnen afzienbare tijd niet meer kunnen genieten van deze prachtige vogels, laat staan van de rest van onze fraaie natuur. En daar maak ik me wel heel veel zorgen over. Ik hoop dat we het tij kunnen keren en dat u en ik nog lang kunnen genieten van de boerenlandvogels in het voorjaar. En dat mijn column hier een klein beetje aan mag bijdragen door u aan het denken te zetten.

Fotogroet Jan

Geef een reactie

8 reacties

  1. Een ietwat typische polderbenadering. Net doen of het heel ingewikkeld is, heel complex, om maar te. voorkomen dat er iemand boos zou kunnen worden. Maar jij zegt het al zelf. Er zijn weilanden met veel vogels (een heel kleine minderheid) en weilanden waar geen enkele vogel meer kan overleven (80-90%??? of meer?). En ja, natuurlijk doet de boer dit niet uit kwade onverschilligheid, dat is dus een factor waar de overheid sturend in op kan treden. Maar de boer doet het. En ja, komen ook de predatoren weer even langs. De stand van een diersoort, ook predatoren, wordt bepaald door de hoeveel voedsel. Niet omgekeerd. Onder normale omstandigheden kunnen de weidevogels een minder muizenjaar natuurlijk makkelijk opvangen. Maar als slechts 10% van het land nog leefbaar is dan wordt dat moeilijk. De oorzaak zit niet in de muizenpopulatie, de aantallen predatoren, maar weer terug naar habitat en voedsel aanbod. Laten we ook niet onvermeld laten dat er al 50 jaar druk is om het land droger te maken om grotere machines eerder het land op te kunnen sturen. Hier wordt vaak al in april/mei voor het eerst gemaaid! En ja, dan zijn een paar droge jaren funest. De oorzaak is wederom niet de droge jaren, maar dat we al een halve eeuw bezig zijn alle vocht-redundantie weg te pompen om maar zoveel mogelijk rendement van het land te halen. Tenslotte, bijzonder fraaie foto’s!!!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

8 reacties

  1. Een ietwat typische polderbenadering. Net doen of het heel ingewikkeld is, heel complex, om maar te. voorkomen dat er iemand boos zou kunnen worden. Maar jij zegt het al zelf. Er zijn weilanden met veel vogels (een heel kleine minderheid) en weilanden waar geen enkele vogel meer kan overleven (80-90%??? of meer?). En ja, natuurlijk doet de boer dit niet uit kwade onverschilligheid, dat is dus een factor waar de overheid sturend in op kan treden. Maar de boer doet het. En ja, komen ook de predatoren weer even langs. De stand van een diersoort, ook predatoren, wordt bepaald door de hoeveel voedsel. Niet omgekeerd. Onder normale omstandigheden kunnen de weidevogels een minder muizenjaar natuurlijk makkelijk opvangen. Maar als slechts 10% van het land nog leefbaar is dan wordt dat moeilijk. De oorzaak zit niet in de muizenpopulatie, de aantallen predatoren, maar weer terug naar habitat en voedsel aanbod. Laten we ook niet onvermeld laten dat er al 50 jaar druk is om het land droger te maken om grotere machines eerder het land op te kunnen sturen. Hier wordt vaak al in april/mei voor het eerst gemaaid! En ja, dan zijn een paar droge jaren funest. De oorzaak is wederom niet de droge jaren, maar dat we al een halve eeuw bezig zijn alle vocht-redundantie weg te pompen om maar zoveel mogelijk rendement van het land te halen. Tenslotte, bijzonder fraaie foto’s!!!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Jan Dolfing

Jan Dolfing

Als dierenarts en gepassioneerd natuurfotograaf is Jan nauw verbonden met dieren en natuur. Een passie die hij graag laat zien.

Meer columns van deze auteur

Deze artikelen vind je vast ook interessant: