Menu

Onderdeel van Pixfactory

Zo maak je dromerige en schilderachtige macrofoto’s

Je kent ze vast wel, de macrofoto's waarbij het onderwerp prachtig omgeven is door een kleurrijke schilderachtige achtergrond, waarbij soms bokeh-ringen een wat mysterieuze sfeer creëren. Een onscherpe achtergrond creëren lukt meestal wel, maar hoe krijg je nu die dromerige en schilderachtige sfeer erin? In deze tutorial zal ik een aantal tips geven om ook tot deze resultaten te komen, zonder gebruik van Photoshop.
Kievitsbloem
Kievitsbloem gefotografeerd met minimale scherptediepte. Fotograaf: Jeffry Westerhoff

Bij macrofotografie speelt de scherptediepte een belangrijke rol. Bij macrofoto’s wordt de scherptediepte bepaald door de afstand tot het onderwerp, het diafragma en de brandpuntsafstand van de lens (zie ook: Scherptediepte en macro bij voorjaarsbloeiers – Natuurfotografie).

Vaak zit je bij macrofotografie dicht op je onderwerp met een minimale scherptediepte te werken. Op deze manier wil je ervoor zorgen dat het onderwerp lekker groot en scherp in beeld is en de achtergrond onscherp, waardoor je geen storende factoren in de achtergrond meer in beeld ziet. De focus wordt dan echt op het onderwerp gelegd. De onscherpte in een foto en de kwaliteit hiervan wordt ook wel bokeh genoemd (zie: Wat is bokeh).

Een egale, fijne onscherpte creëren lukt vaak wel. De focus ligt hier duidelijk op de vlinder. Fotograaf: Jeffry Westerhoff

Om nu dromerige en schilderachtige beelden te creëren, leggen we de focus iets meer op de omgeving en gaan we spelen met het aanwezige licht en de bokeh. Hoe gaan we dit doen?

Tip 1: beperkte scherptediepte

Wil je een macrofoto met een vage achtergrond? Probeer dan eens te fotograferen met een beperkte scherptediepte, wat inhoudt dat je diafragma is ingesteld op een kleine f-waarde (bijvoorbeeld f/2.8 of f/4.0). Een te grote scherptediepte, bijvoorbeeld f/8 of hoger, kan ervoor zorgen dat er te veel detail in de achtergrond te zien is. Dit kan storend zijn.

Tip 2: afstand

Neem iets meer afstand van je onderwerp, hierdoor zul je zien dat de omgeving een prominentere rol gaat spelen in je beeld. Het spelen met de afstand tot aan je onderwerp levert elke keer een iets ander effect in de achtergrond op. Dus blijf vooral experimenteren, totdat je voor jezelf het gewenste sfeereffect hebt bereikt.

Door wat afstand te nemen van je onderwerp komt de omgeving meer in beeld. Fotograaf: Jeffry Westerhoff

Tip 3: positie

In plaats van bovenaf te fotograferen, wat vaak storende elementen in je achtergrond oplevert, is het beter om op ooghoogte of zelfs van onderaf naar boven te fotograferen. Dus blijf laag bij de grond.

Door een lager standpunt te kiezen, krijg je minder storende elementen in achtergrond. Fotograaf: Gwen Westerhoff

Tip 4: licht

Licht speelt een belangrijke rol in het creëren van sfeerbeelden bij macrofotografie. Of dat nu de zon, een zaklamp, een flitser of een andere lichtbron is. Een lichtbron is nodig voor het te behalen sfeereffect.

Tip 5: zoek het licht

In deze tutorial over macrofotografie wordt alleen maar gebruik gemaakt van het aanwezige zonlicht.

Dauwdruppels worden vaak gebruikt in de achtergrond, omdat ze het licht mooi reflecteren. Hierdoor krijg je mooie “bokeh-ringen”. Regendruppels lenen zich hier ook goed voor. Ga bijvoorbeeld eens ’s ochtends vroeg het veld in om te profiteren van de dauwdruppels.

Het licht wat door bladeren schijnt wordt ook vaak gebruikt als achtergrond. Doordat het licht door de bladeren valt krijg je allemaal kleine lichtbundeltjes, die voor een prachtig effect kunnen zorgen. Staat je onderwerp dicht bij de grond, dan zul je je soms in rare posities moeten begeven om het gewenste effect in beeld te krijgen. Onthoud: de aanhouder wint altijd.

Het licht reflecteerde hier op het kabbelende beekje in de achtergrond. Fotograaf: Jeffry Westerhoff
De bokeh-ringen werden hier gecreëerd, doordat het licht door de bladeren van de bomen scheen. Fotograaf: Jeffry Westerhoff

Tip 6: schaduw

Zet het onderwerp eens in de schaduw als het licht te hard is. Hierdoor krijg je een mooi contrast tussen het onderwerp wat in de schaduw staat en de fel belichte achtergrond. Mocht het onderwerp niet in de schaduw staan, dan kun je gebruik maken van een flitsparaplu om het onderwerp in de schaduw te zetten.

Tip 7: fotografeer door vegetatie

We hebben nu voornamelijk de achtergrond gebruikt om tot dromerige beelden te komen, maar de voorgrond kan ook goed gebruikt worden voor dit soort beelden.

Fotografeer eens door varens, bladeren en gras. Kijk eens wat voor resultaat dit oplevert. Staat er niks in de voorgrond, dan kun je zelf een voorgrond creëren met wat voorhanden is, zoals bij elkaar geraapte bladeren. Houd er rekening mee dat niet alles in de voorgrond geschikt is. Voorkom dat bepaalde objecten té aanwezig zijn in de voorgrond, ook qua kleur.

Heb je dat allemaal onder controle, probeer dan tevens ook de achtergrond in de gaten te houden.

De hommel is hier in de schaduw geplaatst en het felle licht schijnt op de achtergrond. Fotograaf: Jeffry Westerhoff
Door te fotograferen door de vegetatie in de voorgrond, creëer je onscherpte in de voorgrond. Fotograaf: Jeffry Westerhoff
Deze foto heeft een grotere scherptediepte om meer detail te krijgen in de voor- en achtergrond. De paddenstoel in de schaduw en het felle licht op de achtergrond. Fotograaf: Jeffry Westerhoff

Nu je deze tips hebt gelezen, wordt het tijd om te gaan experimenteren in het veld met jouw macrofoto’s. Probeer je eigen dromerige en schilderachtige beelden te creëren. Belangrijk is dus werken met beperkte scherptediepte en het gebruik maken van het aanwezige licht. Succes en vooral veel plezier!

2 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Geef een reactie

2 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze artikelen vind je vast ook interessant: