HOME < PRAKTIJK < MAKING OF
Making of

Kolibries in vlucht

In de periode 2005-2020 heb ik mij tijdens reizen naar neotropische gebieden (d.w.z. een klimaatstrook in Amerika, reikend van de zuidelijke staten van de VS tot ongeveer halverwege Brazilië en Argentinië) toegelegd op het fotograferen van kolibries in vlucht. Kolibries komen alleen voor in Amerika. In totaal heb ik 35 van de circa 350 soorten gefotografeerd. Uitgangspunten waren: geen voedersilo’s in de foto’s en geen gebruik van flitslicht.

Kolibries in vlucht
Violet Gekroonde Woodnymph. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

De uitdaging

De ontwikkeling van de digitale fotografie heeft mogelijkheden gebracht die in het analoge tijdperk volstrekt ondenkbaar waren. Eén daarvan is het fotograferen van kolibries in vlucht. Dat is nog altijd een uitdaging, maar het kán. Tijdens mijn eerste “serieuze” natuurfotografie reis in 2005, naar Costa Rica, ontstond bij mij de behoefte om die uitdaging aan te gaan, overigens tijdens die reis zonder acceptabele resultaten.

Gekuifde koketkolibri. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

De kolibrie

Sinds die eerste reis volgden er nog acht. Er zijn meer dan 350 kolibrie soorten en hoewel de meeste in het neotropische gebied leven, zijn zij verspreid van Alaska tot Vuurland en van tropisch regenwoud tot woestijn. Het benoemen van de soort is ook berucht moeilijk. Verwarrend is niet alleen dat in sommige soorten mannetje en vrouwtje er zeer verschillend uit kunnen zien, maar ook dat, afhankelijk van hoe ze aangelicht worden, ze totaal van kleuren kunnen wisselen. Dit fenomeen heet iriseren, ook wel iridiseren (Eng.:iridescence). In de loop der jaren heb ik 35 soorten kunnen fotograferen, dus 10% van het totaal aantal soorten.

Roodstaartamazilia prikt laag in de bloemkelk de nectar aan. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

Omstandigheden

De omstandigheden waaronder de foto’s tot stand kwamen zijn grofweg in 2 groepen te verdelen: in tuinen met voedersilo’s en/of bananen, mais, kokos e.d., of in de vrije natuur. Een eis die ik mij stelde was dat er geen voedersilo’s of door mensen aangeboden voedsel in de foto’s voor mochten komen. De licht omstandigheden waren extreem wisselend, van schemerdonker in de bossen tot keiharde contrasten in de felle tropische zon. Zo heb ik de witkruinkolibrie – één van de kleinste kolibriesoorten – bij 40 graden Celsius in taterende tropenzon in een uren durende observatieperiode uiteindelijk vliegend kunnen fotograferen in Costa Rica. Een andere keer moest ik in Colombia een steile berghelling oversteken over een strook losliggend steengruis na een aardverschuiving, camera slingerend om mijn nek en mijn hoogtevrees pogend te bedwingen, om in mist en regen uiteindelijk geen bevredigende foto’s te kunnen maken.

Langsnavel Sterkeelkolibri met irirdisering van de keelvlek. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

Fotomomenten

Hoewel kolibries bekend zijn om hun vermogen stil te staan in de lucht, is hun grillige en razendsnelle vlucht, kijkend door de zoeker met een telelens, toch moeilijk vast te leggen. Fotokansen duren veelal nauwelijks 1 seconde, anticiperen op hun bewegingen is  lastig. Om die reden werk ik ook uitsluitend uit de hand: een statief werkt veel te vertragend. Mijn camera staat hierbij altijd in snelle serie (12 tot 20 beelden/sec). Om scherpe beelden te krijgen zijn korte sluitertijden essentieel, dus ondanks soms fel zonlicht gebruik ik altijd ISO waarden van 1000 of meer. Met mijn Sony A-9 full frame camera levert dat (nagenoeg) ruisvrije beelden bij sluitertijden van 1/1000 sec. of korter. Desondanks is een hoge frustratie tolerantie bij deze vorm van fotografie een vereiste: minder dan 10% van de foto’s zijn de moeite van het bewaren waard, echt goed is hooguit 1 %.

Groenborst mango. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

Bloemvorm en kolibrie

Interessant is dat de snavel van de diverse kolibrie soorten zeer verschillend is, toegespitst op de soort bloem waaruit ze de nectar halen: van kort (enkele mm’s) tot 10 cm, van recht tot licht gebogen of zeer krom, in elke combinatie. Foto’s in “vrije vlucht” zijn ongeveer onmogelijk, of met zeer veel geluk, te maken, de beelden zijn dus steeds van “stilstaand” vlak voor een buiten beeld gehouden voedersilo, of voor de bloem waaruit ze nectar halen, dan wel met de snavel in de bloem. De bloemvorm bepaalt ook door welke kolibrie soorten ze worden bezocht. Bloemen met een lange rechte kelk trekken soorten aan/worden bezocht door soorten met een lange rechte snavel. Maar het kan ook voorkomen dat een soort met korte snavel precies weet waar hij aan de basis van een lange kelk moet prikken om bij de nectar te komen.

Langsnavel Sterkeelkolibrie zonder iridisering van de keelvlek. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

Slot

Natura Artis Magistra (De natuur is de leermeester van/voor de kunst), de officiële naam van onze beroemdste dierentuin, is voor mij de mooiste samenvatting waar, voor mij, natuurfotografie over gaat. Als het mij lukt om aspecten van de natuur in een foto te vangen en recht te doen aan de schoonheid ervan, dan ervaar ik dat als geluk. Ik ben mij ervan bewust, dat ik daar ook geluk – in de zin van boffen – bij nodig heb.

Muskietkolibrie met iridisering. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar
Muskietkolibrie zonder iridisering. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar
Witkruinkolibrie. Fotograaf: Jan Willem Steffelaar

Auteur: Jan Willem Steffelaar

Deel dit artikel


3
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE
  1. Door Peter Cederhout op 25 november 2020 om 10:19

    Prachtige kieken van één van de mooiste vogels.
    Compliment.

  2. Dank Jaap, voor je aardige reactie. Het zijn zulke prachtige vogeltjes!!!

  3. Door Jaap Coorens op 24 november 2020 om 16:20

    Leuk en boeiend artikel Jan. Hele leuke en mooie vogels om langs te zien zoemen. Leuk ook om te lezen hoeveel plezier en drive je nog in een hobby kan vinden en vasthoudt aan je doelen, ook als dat tot onbevredigende foto’s leidt.

    VR GR Jaap

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *