HOME < IN DE ZOEKER < SOORTEN
IN DE ZOEKER

Blaartrekkende boterbloem

Zon, ruimte, rust, veel eten en drinken. Daar houdt de blaartrekkende boterbloem van. Maar: geen bloempje om zonder handschoenen beet te pakken, de blaartrekkende boterbloem draagt zijn naam niet voor niets. Het is de giftigste van alle boterbloemen en kan flinke blaren en krampen veroorzaken. Dat hoeft de fotograaf niet in de weg te staan er een foto van te maken. En ook niet om de interessante levenswijze van dit pioniersplantje te leren kennen.

Blaartrekkende boterbloem
Detail van het bloempje. Fotograaf: Ron Poot
Delen

Zoals de meeste ranonkels is deze soort een liefhebber van natte groeiplaatsen. “Ranunculus” betekent letterlijk kikkertje, wat duidt op die vochtige standplaatsen waar ook kikkers dol op zijn.

Behalve van water houdt het plantje van stikstof. Zonnige voedselrijke plaatsen hebben zijn voorkeur. Het is een echte pionier die het liefst op open kale plekken groeit en niet teveel concurrentie van andere planten duldt. Hij tolereert zuurstofloze omstandigheden waar andere soorten niet tegen kunnen.

Blaartrekkende boterbloem kan ook onder water groeien. Bijzonder is dan wel, dat deze planten nooit tot bloei komen. Planten die al bloeien en pas later onder water komen te staan, bloeien gewoon door.

Een ander pionierskenmerk is dat de plant in korte tijd veel nakomelingen produceert.De plant heeft een korte levenscyclus. Hij overleeft de winter als zaad of als rozet en groeit in de voorzomer snel uit tot een volwassen plant. Afhankelijk van de standplaats varieert de grootte van piepklein (5 cm) tot fors (70 cm).  In die korte tijd groeit hij uit tot een rijkbloeiende plant die veel zaden vormt. Een bloempje kan wel honderd zaden maken, een flinke plant tienduizenden. Soms zijn er wel twee generaties in een jaar. Rond een oude plant kun je in het najaar al vele jonge rozetten vinden die het volgend jaar zullen bloeien.

De blaartrekkende boterbloem heeft holle stengels, net als veel andere oeverplanten. Dat helpt hem bij het transport van zuurstof door de plant heen. Daar de wortels vaak in zuurstofarme natte blubber staan is deze aanpassing geen overbodige luxe.

Fototips

  • In nieuwe natte natuurterreinen of net gegraven wateren is de blaartrekkende boterbloem een van de eerste pioniers. In die omstandigheden staan ze vaak mooi vrij en kun je ze goed fotograferen.
  • Gebruik een groothoeklens of compactcamera om de plant in zijn natuurlijke omgeving te tonen.
  • Het is een soort die graag groeit op natte blubbergrond, zorg voor bescherming tegen vocht voor je camera, je spullen en jezelf. Laarzen en plastic zakken zijn aan te bevelen.
  • De bloemetjes zijn maar klein, een macrolens of camera met macrofunctie is dan handig.
  • In de voorzomer zijn de planten nog klein, maar bloeien wel al. Dan zijn ze makkelijk in een beeld te vangen. Van boven gezien kun je de drietallige rozetbladeren goed zien, wat een mooi beeld geeft.
  • Ook de rozetten zonder bloemen kunnen een leuk beeld geven en zijn zowel in het voorjaar als in het najaar (2e generatie) te vinden.

Verspreidingskaart

Verspreiding en statistieken

Meer weten?

Wilde planten

Flora van Nederland

Foto’s op Nederpix

En dan nog dit!

De latijnse naam van blaartrekkende boterbloem is Ranunculus sceleratus. “Sceleratus” betekent misdadig of verderfelijk. Het verhaal gaat, dat bedelaars vroeger zich insmeerden met blaartrekkende boterbloem om daarmee ontstekingen te veroorzaken. Hierdoor zagen ze er extra meelijwekkend uit en hoopten ze meer aalmoezen van de burgers te krijgen.

Deel dit artikel


0
REACTIES
BEKIJK REACTIES en PLAATS UW REACTIE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *